Attractiedorp

De bakstenen huisjes staan er schattig bij, als op een schilderijtje. Veere, gelegen op Walcheren, Zeeland, is dan ook een geliefd toeristenstadje. Toch is er voor jongeren maar weinig te beleven. ,,Soms denk ik ‘ga gewoon even weg allemaal!’’’

Langs de kade van Veere waait een zacht briesje. Alleen enkele vogels twinkelieren en in de verte galmt een snerpende slijptol. De bladeren aan de bomen zijn geel en de zon schijnt verlegen tussen de wolken door. De ijsboer is gesloten. Sommige van de lage, rood bakstenen huisjes staan in de verf. Dan klinkt tussen de geveltjes elf keer helder het geluid van een kerkklok, maar daar lijkt niemand zich iets van aan te trekken. Geroezemoes in het Duits; de eerste toeristen van de dag wandelen nieuwsgierig het oude dorp binnen.

,,Er is nu eigenlijk niks te doen’’, zegt de plaatselijke VVV-medewerker in het oude stadhuis. ,,Normaal is er een vismarkt, maar dat is maar tot september.” Met nicotine gele vingers grist hij een folder van de balie en slaat hem open. ,,Hier is de grote kerk; hier kunt u pinnen; hier zijn de Schotse huizen; daar de toiletten”, somt hij op. “Dan kunt u nog winkelen en dat is het zo’n beetje.”

soaoto_-_folio_081r
Wolfert van Borselen VI. (Bron: Wikipedia)

Vroeger was dat wel anders. Nadat Wolfert van Borselen VI, heer van Veere, in de 15de eeuw trouwde met Mary Stuart van Schotland, werd de haven een belangrijke handelsplaats. De Schotten startten er in de 16de eeuw een handel in wol. Ze leefden in een eigen gemeenschap, met een Schotse politie en Engelstalige kerkdiensten. Veere bloeide op. Eind van de 18de eeuw waren 300 van de ruim 3000 inwoners Schots en was de wol nog steeds het belangrijkste handelsproduct, totdat Napoleon daar een eind aan maakte, Zeeland deel werd van het Franse Keizerrijk en Veere werd gedegradeerd tot een vissersdorpje. Maar de keurig onderhouden 16de- en 17de-eeuwse huisjes en de grote kerk uit de 14de eeuw staan er nog steeds.

Vandaag de dag wonen er een stuk of 500 mensen in de oude kern en in totaal heeft het stadje zo’n 20.000 inwoners. Veere heeft in verhouding niet meer ouderen dan de rest van Nederland. Minder jongeren wonen er ook niet, maar studentenwoningen zijn er niet en maar één keer per uur rijdt een busje heen en weer. Veere is dan ook geen plaats waar jongeren speciaal naartoe gaan, blijkt uit een rondvraag bij de dichtstbijzijnde universiteit, de Roosevelt University in Middelburg. ,,Ik ben er eens met mijn ouders geweest. Het doet me aan Volendam denken,’’ zegt Nienke Raaijmakers (18). ,,Het is er heel vredig, maar je zult er geen jongeren vinden. Het enige waar ik voor zou komen is de gadgetwinkel.’’ Jacob Hepkema (19), die in het hoogseizoen in een van de restaurants werkte, sluit zich daarbij aan. ,,Veere is oude huizen, vis, schattige prullariawinkels, antiek, markt, oude mensen, boten en Duitsers.’’

De gadgetwinkel staat aan het einde van de hoofdstraat en is gesloten. Een grauw rolgordijn hangt voor het raam. Er schuin tegenover staat een luxe Bed & Brood, met daarnaast de in de omgeving zo befaamde snoepwinkel. Oudhollands en -Zeeuws snoepgoed staat in grote glazen potten in houten rekken te wachten om gekocht te worden. Moeders lopen lichtelijk paniekerig door het kleine zaakje. ,,Ik wil graag pinnen.” ,,Dat kan hier niet’’, antwoord het grijze vrouwtje achter de kassa. Er is één geldmuur, de straat uit bij de toiletten en dan doorlopen tot bij de viskraam.

img_20161021_120214c
Drukte in de snoepwinkel.

Rondom Veere ligt water en grasland en staan de stadswallen. In het groen spelen Veerse kinderen verstoppertje, tikkertje en bouwen hutten tussen de bomen. De Veerenaren houden wel een oogje in het zeil, want zo doet men dat. Gevaarlijke auto’s zijn er niet in de vrije natuur. Niels van Kleef (18) weet er alles van. Hij is inmiddels student, maar werd grootgebracht in het oude centrum van Veere. ,,Het is een ideale plaats om op te groeien’’, vertelt hij met een glimlach. ,,Maar het is wel heel dorps. Veere heeft niet eens een supermarkt. Bovendien is de gemeenschap klein. Iedereen weet altijd alles van elkaar.’’

Hij zit aan een tafeltje bij eetcafé Zuster Anna, dat aan het begin van de hoofdstraat staat. Vanaf het terras kan hij goed zien hoe Duits en Vlaams brabbelende toeristen in plukjes voorbij trekken. Complete gezinnen sjokken langs, inclusief hond en dikwijls met kinderen die schreeuwen om ijs. ,,In de zomer kan het zo druk worden, dat je niet eens tussen de mensen door kunt lopen. Soms denk ik ‘ga gewoon even weg allemaal!’’’, verzucht Niels. De veelal grijze Veerenaren in het dorp leven er ongestoord tussen, maar Niels huivert ervan. ,,Het is niet ideaal. Veere is vaak net een attractiepark’’, vertelt hij. ,,Maar in de winter is het doodstil. Dan is het net een spookdorp. Het is fijn als de rust dan weer is teruggekeerd. Dan kun je genieten van de stilte.” De student woont nu in Middelburg. Peinzend kijkt hij voor zich uit. ,,Voorlopig kom ik niet terug. Na mijn studie wil ik in de stad gaan wonen en meer van de wereld zien”, besluit hij. ,,Misschien kom ik hier weer wonen wanneer ik oud ben.”

Reageer op dit artikel