“Ik ben bang om mijn omgeving teleur te stellen”

“Ik krijg een black-out en het zweet breekt me uit. Vragen die ik eerder nog goed kon beantwoorden, weet ik nu niet meer. Ik ben nu al bang voor de reactie van mijn ouders. Wederom laat de faalangst me falen.

Remco (24) lijdt aan een serieuze vorm van faalangst. Het beïnvloedt zijn leven dagelijks. In de pubertijd merkte hij voor het eerst dat hij tijdens belangrijke momenten volledig in paniek raakt. Samen met een psycholoog zoekt hij sinds kort uit waar dit vandaan komt, en hoe het te verhelpen is. “Faalangst is in mijn geval de angst om mensen teleur te stellen. Als ik het gevoel krijg dat ik iemand teleur kan stellen, ga ik paniekerig reageren. Dan zeg ik wat ik denk dat de ander wil horen, in plaats van dat ik mijn eigen mening geef. Ook ben ik bang dat ik mensen lastig val met mijn verhaal. Daarom ben ik liever de luisteraar dan de prater.”

Bron van de angst
“Waar de faalangst vandaan komt, weet ik niet”, vertelt Remco. “Ik ben opgegroeid in een warm nest; een lieve papa en mama, een oudere broer en een oudere zus. Mijn ouders stonden er altijd voor open om te praten, ook al stond ik dat niet. Ik ben namelijk een enorme onzekere binnenvetter. Die onzekerheid zit in de familie. Ik zie het terug bij mijn zus, mijn moeder en al haar zussen. Ook mijn broer is onzeker, al gedraagt hij zich niet zo. En mijn vader, dat is al helemaal een zachtgekookt ei. Remco haalt met zijn hand zijn donkerbruine haar uit zijn groene ogen. Hij woont nog thuis. Het is rommelig binnen. Op de salontafel staan nog mokken en borden van de avond ervoor. Het vierkante tafeltje is omringd door schoenen. De televisie staat net te hard om elkaar goed te kunnen verstaan en de achterdeur staat wagenwijd open. Maar de sfeer is goed. Het hele gezin zit gezellig op de grote grijze hoekbank tegenover de televisie.

Faalangst heb ik voor mijn gevoel altijd al gehad, ik realiseerde het alleen pas toen ik 19 jaar oud was en op moest voor mijn autorijbewijs. Mijn ouders betaalden het bedrag en ik verpestte het door dat klote-rijbewijs niet te halen. Twee keer ben ik gezakt en de druk om te presteren werd steeds groter. Mijn voet trilde op de koppeling en het stuur voelde zweterig aan tussen mijn vingers. Toen moest ik het zelf gaan betalen, wat het helemaal niet beter maakte. Tweehonderdvijftig euro? Dat geld gaf ik liever uit aan leuke dingen doen met vrienden. Toen heb ik gekozen voor een faalangst-examen, waar ik volgens mij ook nog flink in gematst ben.”

Een regulier rijexamen duurt ongeveer vijfendertig minuten. Een faalangst-examen tachtig. Je krijgt een examinator die is getraind in het begeleiden van mensen met faalangst. Er is meer tijd om je op je gemak te stellen en tijdens de rit kun je om een time-out vragen. De examinator maakt een praatje en vraagt waar je je fijn bij voelt: wel of geen muziek, TomTom aan of uit, een praatje maken of juist stilte. Op het gemakje wordt er gereden.

“Nu, vijf jaar later, rijd ik stukken beter, al zeg ik het zelf. Toch rijd ik het liefst alleen. Als een familielid of mijn vriendin naast me in de auto zit en ze merken wat aan op mijn rijstijl, dan gaat het mis. De paniekmodus gaat aan en routes die ik dagelijks rijd, kan ik zomaar vergeten. Lang heb ik dit geprobeerd te verbergen voor mijn vriendin.”

Image-11

Faalangst in Nederland
Volgens het Nederlands Jeugd Instituut had in 2013 een op de vijf jongeren last van emotionele problemen, zoals faalangst. Hoe ouder de jongeren, des te meer problemen. Het NJI geeft ook aan een stijging te zien: In 2005 had 15,1 procent tussen de 12-16 jaar last van emotionele problemen, in 2013 al 20 procent. In 2013 had een op de vijf jongeren in het voortgezet onderwijs emotionele problemen.

1057 Middelbare- en hogescholen in Nederland geven faalangsttraining, dit meldt de database van faalangst.nl. Toch een flink aantal, in gedachte nemende dat er maar 37 hogescholen en 642 middelbare scholen in Nederland zijn (bron: CBS). Ook op het Sondervick College, Remco’s vroegere middelbare school, bieden ze een training aan. Zelf heeft hij hier nooit gebruik van gemaakt, omdat hij toen nog niet besefte hoe erg zijn klachten waren. Ook aan de Avans in ’s Hertogenbosch waar hij Commerciële Economie studeerde, heeft hij geen gebruik gemaakt van de beschikbare faalangsttrainingen. Daar heeft hij nu wel spijt van. “Ik geloof er in; hoe vroeger je begint met aanpakken van de problemen, hoe beter je er later mee om kan gaan.”

Verschillende soorten faalangst
Er zijn drie vormen van faalangst: cognitieve faalangst, sociale faalangst en lichamelijke faalangst. Remco heeft voornamelijk last van de cognitieve en sociale angst. Dit merkte hij tijdens het afstuderen aan zijn opleiding Commerciële Economie. Zijn eerste eindstage liep hij bij Wonderlab, een creatief bedrijf op de vierde verdieping van de Torenallee op Strijp-S. Zijn tweede stage liep hij bij Severinus, een instelling voor verstandelijk beperkten. “Mijn scriptie schrijven was een ramp. Afstuderen heeft me anderhalf jaar gekost. De eerste stage beïnvloedde de faalangst mijn leven zo erg, dat ik het gevoel had tegen een burn-out aan te zitten. Dit heb ik eigenlijk nog nooit durven vertellen aan iemand.

Sinds een aantal maanden heeft Remco een full-time baan bij de Rabobank in Tilburg. Hij vertrekt het liefst een uur voor hij begint, ook al is het maar een klein halfuurtje rijden. De gedachte aan te laat komen werkt hem op de zenuwen. “Ik word ’s ochtends wakker en heb echt mijn tijd nodig om alles op het gemakje te doen: douchen, ontbijten en het nieuws kijken. Doe ik dit niet, dan begin ik de dag al onrustig. Liever ben ik een kwartier te vroeg dan precies op tijd. Ik geef mensen advies over betaal- en spaarzaken via de telefoon. In het begin werd ik nerveus van mensen die direct vraag-antwoord willen. Nu gaat het iets beter. Om loonsverhoging te krijgen, moet ik soms een toets maken na het werk. Dan ben ik van tevoren al bang om mijn ouders te moeten bellen om te vertellen dat ik het niet gehaald heb, terwijl ze nooit boos op me worden. De hele dag loop ik dan rond met een onheilspellend gevoel in mijn buik. Tijdens de toets probeer ik mezelf zelfvertrouwen in te praten. Helaas werkt dat niet. Zodra ik de eerste vraag lees, begin ik te twijfelen. Antwoorden die ik een uur daarvoor nog wist, weet ik nu niet meer. Ik krijg een totale black-out en het zweet breekt me uit.”

Ook op sociaal gebied heeft Remco soms moeite om mee te kunnen met de rest van zijn omgeving. “Mijn vrienden merken er niet veel van, maar na de basisschool heb ik altijd ervaren dat ik niet zo sociaal ben. In een groep gaat het goed, maar een op een vind ik het toch lastig. Het is altijd een momentje ongemakkelijk, zelfs bij mensen die ik al jaren ken. Bij mijn vriendin ging het gelukkig wel heel natuurlijk. Ik was wel nerveus over de eerste zoen en de eerste date, maar dit zijn gezonde zenuwen.”

Iedere donderdag traint Remco met zijn vriendenteam bij de lokale voetbalclub. Op zondag is het matchday. Remco trekt zijn sokken nog een keer op en vertrekt, energiek en uiteraard ruim op tijd, naar het veld om warm te lopen. Zijn vrienden nemen nog gauw een hijsje van een sigaret. “Normaal sta ik als laatste man, maar soms krijg ik de kans om in de spits te spelen. Helaas gaat dat vaak mis. Ik kan scoren en ik ben sneller dan de meesten uit het team, maar zodra de tegenstander druk zet, raak ik geen bal meer en wordt het zwart voor mijn ogen. Ik weet later niet eens meer wat ik precies gedaan heb!”

Lichamelijke problemen
Remco zit op zijn kamer. Het beddengoed is zwart, de kast heeft geen deuren meer en de lichtknop heeft een sticker van de Lion King. In de hoek staat een grote kast met LP’s, met daarnaast een platenspeler. The Who staat op. “Muziek is voor mij een bron van ontspanning. Faalangst heeft bij mij weleens geleid tot slaapproblemen. Dat ik midden in de nacht wakker werd van de stress en niet meer kon slapen omdat ik wist dat er een deadline aan zat te komen over een maand. Vroeger kwam ik moeilijk in slaap, dan ging ik nadenken over de dood, over het heelal en andere vage dingen. Muziek helpt me relaxen op zo’n moment.

MuziekEen andere bijwerking van mijn faalangst is eczeem. Op mijn voorhoofd, tussen mijn wenkbrauwen, heb ik een rode vlek. In een stressvolle periode is de vlek donkerder en komt er eczeem omheen. Het zit ook in mijn baard dan.
Hier heb ik speciale shampoo en crème voor gekregen.”

Confrontatie
“Sinds kort heb ik me gerealiseerd dat ik echt een ‘mentaal probleem’ heb. Dit was wel even confronterend. Niemand wil naar een psycholoog. Niemand wil toegeven dat hij hulp nodig heeft om het mentaal allemaal op een rijtje te krijgen. Toch ben ik blij dat ik de keuze heb gemaakt. Samen met een psycholoog ben ik aan het onderzoeken welk deel van mij faalangst is, en welk deel mijn karakter is. Ik denk dat onzeker overkomen misschien wel in mijn karakter zit. Ik denk dat ik graag wil geloven dat het faalangst is. Want ik wil niet toegeven dat ik slecht kan leren, of slecht ben in communiceren. Ik hoop dat ik van mijn faalangst af kan komen. Het traject gaat vier tot acht weken duren. Het is een zachte behandeling met veel praten en weinig druk uitoefenen. Dat is voor mij de manier om het te behandelen. Als iemand zegt dat ik me aanstel, dan word ik ondergesneeuwd en kan ik mijn eigen mening niet meer geven.”

Andere kijk op faalangst
Remco wordt het liefst behandeld op een zachte manier met veel praten. Toch zijn er ook psychologen met een hele andere manier van behandelen. De Groningse psycholoog Jeffrey Wijnberg is er van overtuigd dat faalangst onzin is. Aan de telefoon klinkt hij resoluut en bijna intimiderend. “Mensen beweren dat ze faalangst hebben. Ze zeggen dat ze iets wel kunnen, maar dat ze op het moment suprème dichtklappen. Dit is nonsens. Het betekent dat ze simpelweg niet genoeg geoefend hebben.” Volgens Wijnberg moet je het vergelijken met voorlezen. Als je goed kan voorlezen voor je klas, kan het zomaar zijn dat je dichtklapt als je voorleest aan een zaal met drieduizend mensen. Dit heeft niets te maken met faalangst. Het is gewoon een opdracht en een moeilijkere opdracht.

Bij de vraag of ‘faalangst’ komt door een trauma of een foute manier van opvoeden, lacht Wijnberg. “Het is onzin dat het uit de jeugd komt. Het heeft alles te maken met hoe iemand druk ervaart.” Hij heeft ook een duidelijke mening over de manier waarop sommige psychologen iemand met ‘faalangst’ behandelen. “Veel psychologen werken aan het opbouwen van meer zelfvertrouwen. Dit is een tijdelijke oplossing. Als iemand na de behandeling weer faalt, zal de prestatiedruk toch weer opbouwen en komt de angst weer terug. Ik zorg ervoor dat mijn clienten hun verantwoordelijkheid nemen. Toch kan ik me wel voorstellen dat sommige collega’s een andere manier van denken hebben, maar daar houd ik me niet zo mee bezig.”

Remco vindt de aanpak van Wijnberg lomp en kort door de bocht. “Hoewel er zeker weten een kern van waarheid in zit, denk ik dat dit niet de manier is om met faalangstige mensen om te gaan. Je helpt ze op deze manier niet, je manipuleert ze om te denken dat ze zich niet aan moeten stellen. Maar ‘man up’ is niet omvattend genoeg. Het zit veel dieper, het is iets psychologisch. Je kan niet zomaar een knop omzetten en van je angst af zijn.”

Toekomst
Momenteel beïnvloedt faalangst mijn leven in grote mate. Met de juiste hulp denk ik dat ik beter kan functioneren, op ieder vlak. Als ik niet meer van mijn angst af kom, is dat ook niet het einde van de wereld. Ik ben van mening dat iedereen zijn eigen shit heeft. Iedereen heeft wel een obstakel in het leven, dat hoort er nu eenmaal bij. Met een positieve blik kijk ik naar de therapie. Ik hoop na mijn therapie meer zelfvertrouwen te hebben, want ik kan veel meer uit het leven halen dan dat ik nu doe.”

Reageer op dit artikel