Daan de Kort werd plotseling bijna blind, maar blijft positief en ambitieus

Uit de Nationale Rapportage Oogzorg 2018 blijkt dat circa 150.000 mensen permanent blind of slechtziend zijn. Daan de Kort (27) verloor op jonge leeftijd plotseling een groot gedeelte van zijn zicht door een zeldzame botziekte. Maar wat voor invloed heeft zo’n abrupte visuele beperking op je leven?

Het is 15 maart 2008 als de dan 15-jarige Daan de Kort van zijn middelbare school in Veldhoven naar huis fietst. Tijdens zijn rit merkt hij plotseling dat hij bijna niets meer kan zien. Voor zijn eigen veiligheid besluit hij om met zijn fiets aan de hand terug naar huis te lopen. Eenmaal bij thuiskomst gaat Daan, samen met zijn ouders, onmiddellijk naar de spoedeisende hulp. “In eerste instantie werd er gedacht dat het kwam door een doorgemaakte ziekte van Pfeiffer. Eén arts vertrouwde het echter niet en zorgde ervoor dat ik alsnog een MRI-scan kreeg”, vertelt Daan. “Op deze scan was meteen te zien dat het foute boel was. Diezelfde nacht werd ik naar het academisch ziekenhuis Maastricht UMC+ gebracht.” Wat Daan zich destijds nog niet realiseerde was dat deze nacht zijn leven volledig zou gaan veranderen.

De diagnose

Na de MRI-scan bleek dat Daan leed aan een erg zeldzame botziekte. “Het bot in mijn hoofd is gaan groeien tegen mijn oogzenuw aan. Deze heeft in feite mijn zenuw kapot gedrukt. Tijdens een zware, ongeveer vijf uur durende operatie, is het groeiende bot verwijderd.  Door deze operatie is volledige blindheid voorkomen.” Daan ziet nu nog vier procent. Dit betekent dat hij maatschappelijk blind is. Hij kan hierdoor nog licht en de contouren van mensen of voorwerpen zien. In een straal van drie à vier meter ziet hij nog genoeg om zonder een taststok te hoeven lopen. Op onbekend terrein of een druk kruispunt gebruikt Daan meestal wel een herkenningsstok. “Zo kunnen mensen aan mij zien dat ik slechtziend ben. Meestal ben ik te ijdel om met dat ding te lopen, tenzij het onveilig wordt dan doe ik dat uiteraard wel.”

SlechtziendZien minder dan 30 procent. Het gezichtsveld is kleiner dan 30 graden. 
Maatschappelijk blind Zien minder dan 5 procent. Het gezichtsveld is kleiner dan 10 graden.
Blind Zien niets meer, ook geen licht. 

www.oogfonds.nl

Op het moment van de heftige gebeurtenis stond Daan er nog niet bij stil. “Het gaat allemaal zo snel. Natuurlijk schrik je, maar ik realiseerde me toen nog niet dat dit voor de rest van mijn leven gevolgen zou hebben. Daar kom je later pas achter.” Daan is vooral dankbaar dat de operatie om het bot te verwijderen goed is gegaan. “Dat ik nu nog contouren zie scheelt veel. Nu zie ik tenminste nog iets.”

Nóg een tegenslag

Een aantal maanden nadat Daan het grootste gedeelte van zijn zicht verloor, deed zich nog een ernstige gebeurtenis voor. Daan kreeg het gevoel dat zijn gehoor aan één kant langzaam wegviel. Een tweede bot in zijn hoofd was op weg naar de gehoorzenuw om ook deze aan te tasten. Ondanks dat Daan erg positief in het leven staat, was dit voor hem een moeilijk moment. “Toen was ik heel even pessimistisch. Dat zit van nature niet in mij, maar als mijn gehoor ook nog weg zou vallen… Toen was ik echt heel woest en verdrietig. Allerlei emoties gingen door mijn hoofd op dat moment.” Gelukkig waren de artsen er op tijd bij, waardoor het bot middels een operatie verwijderd kon worden.

Een heel ander leven

Door zijn visuele beperking veranderde er ontzettend veel in Daan zijn leven. Vooral de naïviteit verdween. “Bij zo’n gebeurtenis is je jeugd meteen over. Vóór het incident was ik nog onbevangen. Alles was leuk en alles kon toen nog.” Ook merkte hij al snel dat mensen hem anders gingen benaderen. “Je wordt vaak, als je een handicap hebt, als zielig beschouwd. Die mensen willen je uiteraard alleen maar helpen. Maar dan denk ik: ik heb gewoon een Hollandse mond en als ik iets nodig heb zal ik het wel aangeven”. Daan ontdekte dat zelfspot voor hem de beste manier was om hiermee om te gaan. “Ik maak er zelf vaak grapjes over en dit werkt ontwapenend. Mensen gaan je hierdoor minder snel als gehandicapt of zielig beschouwen”.

Daarnaast nam zijn afhankelijkheid sinds het ongeluk toe. “Vrienden van mij kunnen gewoon de auto pakken en die zijn weg. Ik ben altijd afhankelijk van anderen.” Echter, laat hij zich hierdoor niet belemmeren. Zo reist hij vaak alleen naar verschillende plekken op de wereld. Dit vergt wellicht meer voorbereiding dan bij goedzienden, maar dit houdt Daan niet tegen.

Verder merkte hij dat onze maatschappij heel visueel ingesteld is, mede door de opkomst van sociale media en streamingdiensten zoals Netflix en Videoland. “Ik kan niet alle series volgen. Als het een heel snelle actiefilm is, is dat voor mij eigenlijk niet te doen.” Echter, zit hier volgens Daan ook een groot voordeel aan. Zo is hij minder snel afgeleid dan goedzienden.

Doorzetter

Ondanks dat Daan zeer slechtziend is, staat hij erg positief in het leven. “Ik ben een optimist, dus ik heb het vrij snel geaccepteerd. Het klinkt misschien gek, maar ik kon er wel goed mee omgaan. Het is even een flinke tegenslag, daar baal je uiteraard van, maar daarna wil je ook weer door.” Hij was vastbesloten om zijn ‘normale’ leven weer op te pakken en terug te gaan naar zijn oude middelbare school. “Op het moment dat je zo’n beperking krijgt verandert er zoveel in je leven. Als je dan ook nog eens uit je vertrouwde, veilige omgeving gehaald wordt, denk ik dat het niet goed voor je is.” Veel instanties vertelden hem dat dit niet mogelijk was en hij naar een speciale school voor blinden en slechtzienden zou moeten, maar dit was voor Daan geen optie. Na vele gesprekken kreeg hij het voor elkaar om op zijn middelbare school te blijven.

“Mede door mijn enthousiasme en positiviteit wist ik al snel hoe ik de mensen om mij heen moest mobiliseren. Iedere dag haalde een klasgenoot mij bijvoorbeeld op om samen met de tandem naar school te gaan. Ook las een leraar altijd mijn boeken voor, omdat spraaksoftware nog geen optie voor mij was. Op deze manier kun je met veel hulp van mensen, school en familie toch vooruit. Daar ben ik enorm dankbaar voor.”

Politieke interesse

Tijdens zijn middelbare schoolperiode ontstond ook zijn enorme interesse in de politiek en de maatschappij. Voordat Daan slechtziend werd, was hij al voorzitter van de leerlingenraad. Zijn leraar merkte deze interesse op en kwam met het idee om bestuurskunde te gaan studeren. “Ik besloot om mij in deze studie te gaan verdiepen. Mijn ervaring met de instanties die wilden dat ik naar een speciale school ging, speelde ook een grote rol in deze studiekeuze. Ik was het niet met deze instanties eens en ik had er een erg sterke mening over.” Mede door de mogelijkheid van mondelinge tentamens en spraaksoftware heeft Daan de studie Bestuurskunde kunnen afronden.

Op 14 mei 2018 werd Daan de jongste wethouder die de gemeente Veldhoven ooit gehad heeft. “In 2017 ben ik mij gaan oriënteren op het vak door verschillende jonge wethouders te spreken. Voordat ik wethouder werd, was ik lijsttrekker van de VVD. Toen we de grootste partij werden, gingen we twee wethouders leveren en ik werd de tweede wethouder.” Op de vraag hoe hem dit op zo’n jonge leeftijd gelukt is, antwoordt Daan: “Je moet een bepaalde drive hebben waarom je iets doet. Je moet dat fanatisme ook uitstralen en laten zien dat je er heel hard voor werkt, heel gemotiveerd bent en ook een bijdrage kan leveren in de gemeenteraad. Wat mij gemotiveerd heeft is dat ik werd afgekeurd. Mensen wilden voor mij gaan bepalen hoe ik mijn leven moest gaan inrichten. Ik vind het extra belangrijk om te bewijzen dat veel juist wél mogelijk is en dat je zelfs met een beperking de jongste wethouder kunt worden. Ik vind dit erg belangrijk. Je moet de regie over je eigen leven hebben.” Daan focust zich in zijn werk als wethouder daarom niet alleen op zijn visuele handicap. “Ik ben wel actief bij de European Blind Union, een organisatie die de belangen behartigt van blinden en slechtzienden in Europa. Ook probeer ik de toegankelijkheid van de verkiezingen te verbeteren. Ik kies er alleen bewust voor om mijn portefeuilles ook op andere terreinen te hebben. Je wil ook laten zien: ‘ik ben Daan de Kort en ik ben meer dan die handicap.’”

Daan vindt het vooral leuk om in zijn werk mensen aan het denken te zetten. Daan licht dit toe met een voorbeeld: “Ik ben onlangs als spreker uitgenodigd bij een oogcafé. Hier komen ‘lotgenoten’ eens in de zoveel tijd bij elkaar. Er werd een voorstelrondje gedaan. Iedereen stelde zich voor en noemde daarna zijn oogziekte. Toen ze bij mij kwamen zei ik: ‘Daan de Kort, goedhorend’. Dat is een heel andere benadering. Je kunt wel uitgaan van wat je niet meer kunt, maar je kunt je ook juist focussen op je talenten.”

Wetgeving

Volgens de huidige wetgeving zijn bedrijven met 25 werknemers of meer verplicht om 5 procent aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te hebben. Dit betreft ook mensen met een beperking. Deze Participatiewet is ingevoerd met ingang van 1 januari 2015. De werkgever krijgt hierbij financiële steun van de overheid. Volgens Daan verplicht je werkgevers dan om mensen met een beperking aan te nemen. “Dat is de verkeerde volgorde. Je moet worden aangenomen, omdat je iets toevoegt. Ik ben ervan overtuigd dat heel veel mensen met een beperking nog veel kunnen toevoegen. Mensen met een beperking worden naar mijn idee veel te snel afgeschreven.”

Relatie

Op 11 september 2018 leerde Daan zijn vriendin Chantal kennen. Chantal vertelt: “In het begin moest ik wel aan zijn visuele beperking wennen, maar nu is het eigenlijk heel normaal. Ik merk het vooral aan de kleine alledaagse dingen. Zo help ik hem bijvoorbeeld met het zoeken naar zijn sleutels of met tandpasta op zijn tandenborstel te doen.” Chantal geeft aan dat ze buitenshuis vrij weinig van zijn visuele beperking merkt. “Ik merk dat Daan er heel goed mee omgaat en dat weinig mensen eigenlijk merken hoe weinig hij ziet. Hij onderneemt van alles. Zo vindt hij het bijvoorbeeld hartstikke leuk om met mij naar verschillende musea te gaan of om een boottochtje te maken. Ik denk dan: wat krijg jij daarvan mee? Maar toch kan hij daar wel heel erg van genieten en dat vind ik ook erg fijn om te zien.”

Toekomst

Over zijn kinderwens is Daan nog niet zeker. “Het ziet ernaar uit dat mijn botziekte niet erfelijk is. Ze hebben destijds bij mijn ouders en broer gekeken, maar daar konden ze niks vinden. Ze schatten die kans wel vrij nihil. Ik zou het wel nog een keer laten checken als ik eventueel kinderen zou willen.” Niet alleen de kans op erfelijkheid van zijn botziekte speelt een rol bij zijn eventuele kinderwens. “Voor mij zijn de praktische dingen juist heel lastig. Wanneer ik kinderen zou krijgen, zou dit betekenen dat alles bij mijn partner komt te liggen. Dit vind ik niet eerlijk naar mijn partner toe. Ook heb ik een behoorlijke carrièrewens, dus ik vraag me af of ik los van mijn beperking überhaupt wel een kinderwens heb. Ik hou van mijn vrijheid en ik hoop in de toekomst mijn carrièredromen nog verder te verwezenlijken. Ik heb een hele bucketlist. Zo wil ik ooit nog een boek uitbrengen en veel reizen. Op werkgebied hoop ik dat ik nog heel lang mooie dingen mag blijven doen in de politiek.”

Reageer op dit artikel