De echte Damster bestaat niet meer, maar toch zijn de inwoners trots op Appingedam

De weilanden en de woonwijk waar oude huizen en nieuwbouw elkaar afwisselen, wordt gescheiden door het recentelijk vernieuwde station. De huizen van het station naar het centrum doen imposant aan. Grote oude huizen met enorme tuinen volgen elkaar op. De huizen worden kleiner en ogen steeds middeleeuwser als de binnenstad dichterbij komt. Een gracht met bruggen scheidt het centrumhart vanaf een kant.

Ferdi Uuldriks, sociaal werker bij jongeren hang-out Jimmy’s, heeft de jongeren gevraagd om een rondleiding te geven samen met CDA-fractiemedewerker Maurick Joustra. Uuldriks en Joustra geven voordat de rondleiding aanvangt, duiding over de inwoners van Appingedam. Een inwoner van Appingedam wordt een Damster genoemd. Dit was ook de reden dat Appingedam graag de letters van Iamsterdam wilde overnemen. De letters konden gevormd worden tot I Am Damster.

De Damster

De Damster kent volgens Uuldriks en Joustra een lange geschiedenis vol ellende. Het stadje werd rond 1500 uitgemoord in een conflict met Groningen en daar bleef het niet bij. Hierna kwam er veel industrie en verdween dat weer, wat leidde tot nieuwe armoede en een krimpgemeente. En nu is het volk al decennia lang verwikkeld in een strijd met het NAM, om alle schade die de boringen veroorzaakt hebben aan hun huizen, vergoed te krijgen. Deze weerslag is in de genen van de Damster gaan zitten. Het is een nuchter volk dat graag op zichzelf is. Ze geloven in het principe ‘Wat komt dat komt en anders niet.’

Historische monumenten

Als de binnenstad wordt aangedaan, oogt het rustig. Hoewel er een gewemel van mensen is in de kleine straatjes. De Damsters kroelen, als bijen die hard aan het werk zijn voor hun koningin, bijna geruisloos langs elkaar heen. Een licht gezoem van snelle begroetingen is het enige geluid dat waarneembaar is. De smalle steegjes tussen de middeleeuwse straten als de gangen van een korf. Met het kerkplein voor de Nicolaïkerk als de kamer van de koningin. Dit is ook de plek waar een paar Damsters op het terras met gesloten ogen, genietend van de warme zonnestralen, zichzelf aan het opladen zijn aan het einde van deze werkweek.

Appingedam is -vooralsnog- het meest bekend om haar hangende keukens. “Hier komen zomers busladingen vol naar kijken”, aldus Joustra. De hangende keukens, hangen er treurig bij. Drie keukens boven het water. Het is weinig spectaculair. Er zou zo overheen gekeken kunnen worden als er geen weet was van dit historische aangezicht. “De hangende keukens werden gebruikt als riolering. Het was heel makkelijk om vanuit daar vies water, etensresten en uitwerpselen in het water te gooien.” De keukens zijn allang niet meer in gebruik. En zoals bij veel historische monumenten wel het geval is, kan je hier niet naar binnen. “De eigenaar van de eerste hangende keuken wil nog weleens toeristen naar binnen laten.”

Net als veel van de inwoners van Appingedam weet Joustra veel over de stad te vertellen. Hieraan is te merken hoe trots dit handelsvolkje is. Het kleine stadje dat 11.841 inwoners telt en sinds 1327 stadsrechten heeft, kent veel historisch erfgoed waarvan elke inwoner goed op de hoogte is. Zoals het huis dat op de hoek van de Solwerderstraat staat en voor de jaren ’60 vierkant was. “Dit pand is afgebroken en rond herbouwd. Dit omdat Appingedam een Dambus had -een bus die alleen door Appingedam reed- die hier de bocht naar rechts moest maken en dat niet kon toen het pand vierkant was.”

Scheuren in de maatschappij

Joustra laat ook verschillende panden zien, waarin de scheuren duidelijk zichtbaar zijn door de verzakkingen. “De verzakkingen en bevingen nemen af. Voorheen kon je een kozijn horen kraken. Nu heb je heel af en toe nog het gevoel dat er een vrachtwagen voor je huis voorbijrijdt maar dat is alles.” Toch zitten de verzakkingen nog hoog bij veel inwoners. Uuldriks vertelt over een jongen van dertien die bang is dat zijn huis instort bij een volgende beving en zich erg zorgen maakt over zijn familie.

De verzakkingen hebben ook voor verdeeldheid gezorgd in de van oudsher hechte stad. Uuldriks verklaart dat doordat het ene huishouden al wel een vergoeding heeft ontvangen, terwijl het andere nog steeds verwikkeld zit in de procedures.  Dit is volgens Uuldriks geen misgunnen maar de koek raakt nu op. Ook voor de veel accepterende Damster. “We zullen niet snel in opstand komen, maar ik merk dat de eerste boze Damsters beginnen op te staan. En als er een opstand komt, dan komt er een échte opstand: ze zullen niet schromen om bij wijze van protest de tractor niet óp het plein voor de tweede kamer te rijden, maar ín de tweede kamer.”

Reageer op dit artikel