‘Onze familieband is onze trots’

Jo Verhaaren werd 75 jaar geleden geboren in Grave als tweede kind van Toos en Nol. Het gezin telde negen kinderen, acht zoons en één dochter. “Alles kon en mocht bij ons thuis.”

Liefde
Jo ontmoet Henny op zijn negentiende. “Henny kwam net in Grave wonen en nieuwe meisjes hadden altijd de aandacht. Henny was toen vijftien. Ik was natuurlijk de knapste, dus ze werd meteen verliefd op mij”, grapt Jo. Henny lacht op de achtergrond. Ze hadden net verkering toen Jo voor twee jaar in militaire dienst ging. “We schreven elkaar veel brieven in die tijd.”

Na vier jaar verkering besluiten ze te trouwen. “Bij elkaar slapen was uit den boze. We waren al voor de wet getrouwd op Henny’s verjaardag. Ik wilde naar boven, om Henny te feliciteren op haar kamer, maar dat mocht absoluut niet.” Jo kan zich nog een programma op televisie herinneren over seksuele voorlichting. “Mijn moeder zette toen meteen de televisie uit, want volgens haar hoefden wij die viezigheid niet te zien.”

Toen Jo en Henny ook voor de kerk getrouwd waren, gingen zij samenwonen in een huis aangrenzend aan de werkplaats van Jo zijn oudste broer. “Onze eerste dochter Karin is daar geboren.” Later kreeg Jo een dienstwoning in Nijmegen, maar algauw kregen ze heimwee en keerden ze terug naar Grave. In totaal kregen ze vier dochters. “Als vader heb ik altijd een actieve rol gehad in de verzorging en opvoeding. Ik ben hopelijk niet de vader die alleen het vlees aansnijdt.”

Opleiding en werk
“Er werd een opleiding gekozen die bij je past en dat ging je doen”, vertelt Jo. Hij kon goed leren en leraren wilden hem naar het seminaria sturen, daar zou hij opgeleid worden tot priester. Maar Jo ging als enige van zijn gezin naar de Mulo, de toenmalige mavo. “Dat bleek een mislukking. Ik had niet eens een schooltas, laat staan een bureau om huiswerk te maken.” Hij is toen naar de ambachtsschool gegaan. “Bij mijn eerste baantje verdiende ik 14 gulden per week als zakgeld. Gelukkig kostte een biertje toen niet meer dan een halve gulden.”

Later heeft hij meerdere werktuigbouw diploma’s gehaald. Hij ging werken bij de Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij in Nijmegen. “Ik had geen zin meer om te leren, maar Henny heeft mij gepusht.” Op zijn vijftigste is Jo afgestudeerd aan de hogere technische school, met een acht voor zijn scriptie. Op 58-jarige leeftijd ging hij met pensioen. “Dit had te maken met reorganisaties. Door mijn vertrek kon een jonger iemand zijn baan behouden. Ik had een mooie baan en kon nog wel 10 jaar door werken.”

Jeugd
Toos en Nol, de ouders van Jo waren erg makkelijk en alle kinderen kregen veel vrijheid. Volgens Jo ging het eten best structureel. “Om 12 uur kregen we warm eten. Soep vooraf, vaak stamppot en pap.” De rolverdeling in het gezin was duidelijk. Zijn moeder kookte en zijn vader werkte als tuinman.

Het huis van de familie Verhaaren was niet heel groot, maar ze hadden wel meerdere panden naast elkaar. In het naastgelegen pand liepen varkens en kippen vrij rond. “De slager kwam aan huis om een varken of kip te slachten. Het dier hing dan aan een ladder in de schuur, dat was toen heel normaal.” Jo sliep op een kamer met vier andere broers. Er was één kledingkast en voor ieder een bed. Het was altijd een drukke boel. In huis werd altijd muziek gemaakt, want alle kinderen bespeelde een instrument. “Communies werden uitbundig gevierd, maar verjaardagen daarentegen niet.”

Het geloof speelde ook een belangrijke rol in het katholieke gezin. Voor het eten werd er gebeden en ieder kind was misdienaar. “Op zondag naar de kerk gaan hoorde erbij. Op je rapport stond dan ook hoe vaak je naar de kerk was geweest.” Op zijn zesde werd Jo op vakantiekolonie gestuurd, een tijdelijk tehuis voor kinderen. Dat werd geregeld door de nonnen als je er te mager uit zag. “Daar stond ik dan alleen op de bus te wachten met een koffertje. Het is nu niet meer in te denken dat je een kind van zes alleen op de bus zet.”

Familieband
De ouders van Jo verkochten panden. Als er een pand verkocht werd, dan kwam er geld vrij. Er werd dan altijd een huisje geboekt naar een vakantiepark met het hele gezin. “Familieweek is hierdoor ontstaan. We gaan dit jaar voor de dertigste keer in de herfstvakantie vijf dagen naar een grote accommodatie ergens in Nederland met de hele familie Verhaaren.” De broers en zus van Jo gaan mee met alle kinderen, kleinkinderen en aanhang. “Onze familieband is onze trots, mede dankzij onze grootouders is deze zo stevig als een rots, dat wordt vaak gezegd in de familie.”

Reageer op dit artikel