‘Het pronkstuk van De Rijp’

Van De Grote Kerk in De Rijp stonden alleen de muren overeind na de brand van 1654. Omliggende dorpen schonken ramen aan de kerk. Ik ben afgereisd naar het Noord-Hollandse dorp om met Rijpenaar Martin Dalenberg de Rijper Glazen te bewonderen.

De reis
Het is mistig als ik om 8.00 uur op mijn fiets stap naar station Tilburg. Terwijl ik mijn fiets in de stalling plaats verheug ik me al op mijn eerste beker koffie. De trein naar Den Bosch heeft vertraging waardoor ik rustig mijn cafeïne boost kan halen. In Den Bosch scoor ik mijn jawel, tweede beker koffie. De verkoopster vroeg nog zo aardig of ik er een croissantje bij wilde. Nee, lekker Nederlands heb ik mijn eigen boterhammetjes bij. In de trein naar Utrecht nuttig ik mijn ontbijtje. Van Utrecht ga ik naar Amsterdam. Daar wacht ik op de bus naar De Rijp.

Het is rustig in de bus naar De Rijp. Als we Amsterdam uitrijden zie ik alleen maar polders, polders en nog eens polders. De lucht van mest verspreidt zich door de bus. Bijna in de Rijp aangekomen trapt de buschauffeur ineens hard op de rem, omdat er een kind plotseling oversteekt. Tassen vliegen door de bus en mensen houden zich stevig vast. De buschauffeur verontschuldigt zich met een Noord-Hollands accent: “sorry hoor; leven jullie nog? Het kind wel.” Als de bus verder rijdt komt het zonnetje door. Knijpend met mijn ogen zit ik de laatste paar minuten in de bus. Als ik uitstap open ik meteen Google Maps op mijn telefoon. Dat blijkt overbodig, want als ik goed kijk zie ik de Grote Kerk boven de huizen uitsteken.

Het Rijper Glas
Als ik bij de Grote Kerk aankom staat Martin, voorzitter van behoud Rijper Glazen, mij al op te wachten. “Jij moet Amber zijn. Wat leuk, onze jongste kleindochter heet ook Amber.” Met een boekwerk aan informatie onder zijn arm stappen we de kerk binnen. Martin is geboren en getogen in De Rijp. “Het is een speciaal dorp voor mij. Mijn vader is hier 20 jaar burgemeester geweest. Ik ga hier nooit meer weg.” Ik ben meteen onder de indruk van de ramen als we binnenkomen in de kerk, ze sieren de kerk. Het zijn grote ramen met veel kleuren en op ieder raam staat het wapen van een stad. De kerk zelf ziet er oud uit, de verf bladert van de muren af.

 

Door een molen die tijdens een storm van de wiekenrem losschoot, ontstond er in januari 1654 een grote brand in De Rijp. De brand legde 430 huizen, 160 bedrijven, twee molens en twee kerken onder as. De Grote Kerk is gerenoveerd en kon in 1656 weer open. “In die tijd was het belangrijk dat de kerk snel weer openging”, vertelt Martin. Omdat de kerk verwoest was, schonken omliggende steden allemaal een glas. Deze glazen staan nu bekend als de Rijper Glazen. Ik dacht meteen aan glas in lood, maar Martin wees mij erop dat het niet zo genoemd wordt.  “De ramen bestaan uit gebrandschilderd glas. Er is geschilderd op het glas en daarna zijn ze in een oven gebakken. Ik vind de ramen echt het pronkstuk van De Rijp.”

Er is een Stichting Behoud Rijper Glazen opgericht, omdat het renoveren van de glazen erg kostbaar is. “Daar zamelen wij geld voor in. Ook hebben we sinds kort sfeerlichten met prints van de ramen erop. Deze verkopen wij in winkeltjes in het dorp of op markten.” Ook is het mogelijk om één of meerdere ruitjes van een raam te adopteren. Mensen betalen dan voor het ruitje, waardoor er geld ingezameld wordt voor renovatie. In 1995 is voor het laatst een grote renovatie uitgevoerd. “De ramen stonden bloot aan weersinvloeden, daarom is er dubbele beglazing aan de buitenkant van de kerk gemaakt. Ook is er gaas voor de ramen gespannen om baldadigheid tegen te gaan.” Daarom zag ik dus het glas vanaf de buitenkant niet, bedenk ik me. We maken een rondje langs de ramen en bij ieder raam heeft Martin een verhaal. Zo ook bij het raam waar alleen Koning Willem-Alexander op staat. Hij vertelt dat dit raam is geplaatst in 2015, omdat de koning in 2014 De Rijp bezocht tijdens Koningsdag. Het wordt ‘het koningsraam’ genoemd. “Je kunt echt merken dat de koning hier is geweest. Er komen veel meer toeristen.”

Het dorp
Terwijl we buiten kletsen over wat De Rijp nog meer te bieden heeft, zegt Martin alle voorbijgangers gedag. De meesten kent hij ook nog bij naam. “Alles hier is mooi, je moet gewoon een rondje lopen.” Dus dat doe ik dan maar. Terwijl ik rondloop geniet ik van alles wat ik zie. Het is een pittoresk dorpje met Zaanse huisjes en er zijn veel bruggetjes over het water dat door De Rijp stroomt. Ik ontdek kleine steegjes en loop langs een café. Het is vroeg in de middag, maar het is gezellig druk binnen. Ik loop naar binnen en drink daar mijn derde koffie van de dag.

Ik vind het mooi geweest na een paar uur in De Rijp. Bij de bushalte staan twee meiden te wachten. Ook zij zeggen iedereen gedag. Ik vraag aan ze of De Rijp een dorp is waar iedereen elkaar kent. Een van de meiden knikt meteen ja, waarop de ander zegt: “Het is hier echt een ons kent ons-cultuur. Je komt altijd iemand tegen die je kent, waar je ook bent.” Als ik met ze mee de bus in stap begint mijn reis terug naar het zuiden.

 

 

Reageer op dit artikel