Het walhalla voor grijsharigen en viervoeters

Harlingen – De glazen wachtruimte van Rederij Doeksen in Harlingen heeft meer weg van een vliegveld dan van een treinstation. Net als op een vliegveld verheugt het merendeel van de reizigers zich op een rustgevende vakantie. De reis naar het beloofde oord gaat hier alleen niet per vliegtuig, maar per veerboot. De oplettende voorbijganger zal nog twee verschillen waarnemen: de gemiddelde leeftijd van de vakantiegangers ligt hoogstwaarschijnlijk boven de zestig en een groot deel van hen loopt op vier poten.

Het is een rustgevend beeld: de Waddenzee die tegen de stilliggende veerboot aanklotst. Af en toe, wanneer er een bootje voorbij vaart, wordt het water onrustig en verandert het klotsen in slaan. Op houten bankjes aanschouwen de grijsbehaarde reizigers het schouwspel. Nog even en zij zullen zelf de zee op gaan. Sommigen lopen nog snel even naar de wc, want de blaas van een pensionaris is niet meer wat het geweest is. Nou ja, snel… Stapje voor stapje schuifelt een mevrouw de trap af. En dat is tree nummer tien. Eindelijk!

Rederij Doeksen bestaat al sinds 1908, maar vervoert passagiers vanaf 1923. Verschillende veerboten varen meerdere keren per dag tussen Harlingen, Vlieland en Terschelling. Jaarlijks vervoert het bedrijf ruim 785.000 passagiers over de Waddenzee. Daarnaast beschikt Rederij Doeksen over een vrachtboot. Maar het belangrijkste voor het bedrijf zijn de tevreden reizigers. Waaronder een enthousiaste vrouw op leeftijd in de trein naar Harlingen. Haar reis naar de Waddeneilanden heeft ze al vaker gemaakt. “Ik vind het altijd jammer om weer terug op het vaste land te zijn. Daar begint het ‘gewone’ leven weer.”

De hoge gemiddelde leeftijd van de reizigers in de wachtruimte van Rederij Doeksen is niet ongebruikelijk in deze tijd van het jaar. “In september zien we hier altijd veel ouderen”, weet een medewerker van de souvenirshop te vertellen. “Dan is de zomervakantie net voorbij en vertrekken veel gepensioneerden voor een midweek naar Vlieland of Terschelling. Dit is trouwens ook het geval in april en mei.”

Naast het geroezemoes van vrouwen die elkaar al te lang niet hebben gezien en het gekuch van ouderen met een beginnend griepje, echoot er echter nog een ander opvallend geluid door de hal: geblaf. In de trein naar Harlingen liepen er al meer honden rond dan in de meeste andere treinen. Hier, bij Rederij Hoeksen, valt de hoeveelheid harige viervoeters nog meer op. En naarmate we dichter bij de boardingtijd van half twee komen, worden het er nog alleen maar meer. De honden lijken het naar hun zin te hebben. Ze mogen mee op een uitje en onderweg ontbreekt het niet aan soortgenoten om mee te ravotten. Wat een feest!

Zittend op de trap bekijk ik het hondenfestijn een tijdje. Voor me loopt een prachtige, grote hond met lange, bruine en witte haren. Vrolijk kijkt het beest me aan met zijn lichtgrijze ogen. Alsof het me wil vertellen dat het mee mag op vakantie. Ik geef hem een aai over de bol en vraag aan zijn baasje waarom de hal bezaaid is met honden. De lange, kale man heeft wel een idee: “Omdat honden op Vlieland overal los mogen rennen. Dat geldt voor het hele eiland, behalve in het dorp volgens mij.” Bij nader onderzoek blijkt deze regel voor het hele eiland, behalve een deel van het dorp en het westelijke deel van het bos te gelden. Dat is toch nog een groot speelgebied voor onze maatjes.

Naast me komt een verrimpelde vrouw met haar Maltezer leeuwtje zitten. De witte energiekeling zoekt gelijk aandacht van de grotere, bruin/witte hond. De twee snuffelen even aan elkaar voordat ze besluiten dat ze elkaar wel mogen en over elkaar heen beginnen te duikelen. De verrimpelde vrouw vertelt me dat ze met enige regelmaat naar Vlieland gaat met haar kleine, grote vriend Abbey. “Het is daar een waar walhalla voor honden. Abbey vindt het heerlijk om over het strand te rennen. De zee vindt ze niks, maar ze houdt erg van het zand onder haar pootjes. Bovendien vindt ze het geweldig om te zien hoe de andere honden daar uit hun dak gaan.” Waarschijnlijk laten de blaffende strandliefhebbers de zee over aan hun soortgenoten: zeehondjes.

Niet alleen Vlieland en Terschelling zijn een paradijs voor honden, ook op de andere Waddeneilanden mogen de viervoeters los rondlopen. Naar Texel, Vlieland en Terschelling mogen ze zelfs voor niks op de boot mee. Op bijna alle stranden mogen onze trouwe maatjes onbeperkt genieten van het zand zonder vast te zitten aan een lijn. Alleen op Texel moeten ze vanaf de laatste week van juni tot en met de eerste week van september aangelijnd worden in sommige gebieden. Verder zijn er nog een hoop andere plekken waar honden van hun vrijheid mogen genieten op de Waddeneilanden, maar dat verschilt per eiland.

Eindelijk gaan de poortjes open en mogen alle reizigers de boot op. Een witte en een zwarte hond in de rij weten al wat er komen gaat. Het is dat de twee kameraden aan de lijn zitten, anders waren ze al op de boot geweest. “Wij proberen elk jaar een keer naar Vlieland te gaan”, vertelt de vrouw aan de andere kant van de lijn. “Dat is een feest voor die twee. Ze mogen dan bijna overal gewoon rondrennen. Jammer genoeg niet in de duinen in het broedseizoen.” “Ja, maar dan laten we jou daar ook niet los rondlopen”, grapt haar medereiziger. Bij de poortjes eindigt ons gesprek. Vrolijk verdwijnt het gezelschap achter de balustrades van de veerboot. Op naar rust voor de één en vrij rondrennen voor de ander.

Reageer op dit artikel