‘Hier wilde je nog niet dood gevonden worden’

Foto: Ceinturion

Van de 24.000 mensen die in de Indische buurt in Amsterdam wonen, behoort driekwart van de huishoudens tot de armste klasse in Nederland. De buurt stond dan ook jarenlang bekend als de slechtste buurt van Amsterdam. Wanneer je echter door de straten loopt, maakt de wijk juist een levendige indruk. Een moeder loopt met haar twee kinderen en een tas vol boodschappen vrolijk over de stoep, voor een Turks cafeetje staan drie mannen met een sigaretje te genieten van de ochtendzon en  op een bankje op een pleintje zitten twee oudere dames gezellig te kletsen.

Volgens participatiemakelaar Rob van Veelen is dit inderdaad het beeld dat tegenwoordig bij de Indische buurt past. Van Veelen is in 2008 aangesteld als participatiemakelaar in de wijk, net zoals in 40 andere zogenaamde Vogelaarwijken ook participatiemakelaars zijn aangesteld. Deze mensen zorgen ervoor dat buurtbewoners worden betrokken bij de verbetering van hun wijk en dat zij de juiste middelen aangereikt krijgen om ook hun eigen initiatieven vorm te kunnen geven.

“Een aantal jaar geleden zouden de meesten hier nog niet dood gevonden willen worden, maar dat imago heeft de buurt gelukkig niet meer”, aldus Van Veelen. “Sinds de start van het buurtvernieuwingsproject in 2002 is de buurt er gigantisch op vooruit gegaan, en dat is mede te danken aan de bewonersinitiatieven. Daarmee heeft de buurt zelfs internationale bekendheid verworven.” Het buurtvernieuwingsproject zorgt ervoor dat gebouwen worden opgeknapt, de openbare ruimte wordt aangepakt en dat pleinen en straten worden vernieuwd. De buurtbewoners hebben er met hun initiatieven vooral voor gezorgd dat er meer een eenheid is gecreëerd. Groepjes huisvrouwen hebben kookclubs opgestart, ouderen hebben de mogelijkheid om samen te bewegen in het buurthuis en kinderen uit minimahuishoudens kunnen gratis gaan sporten.

Het buurthuis is dan ook een komen en gaan van verschillende mensen. Beneden bevindt zich een gezellige open ruimte met banken, stoelen en tafels en een bar waar twee gesluierde vrouwen vrolijk fruitsapjes staan te maken. Op het krijtbord boven hen staat het dagmenu geschreven: groentesoep voor 1,50 euro en kip met rijst voor 3,50 euro. Aan een tafel zitten twee mannen te werken op hun laptops, op de bank zitten drie vrouwen samen thee te drinken en te praten over hun kinderen. Op het prikbord om de hoek hangt een kalender met alle activiteiten die deze week in het buurthuis plaatsvinden: kookclubs, muziekavond, bewegen voor ouderen, yoga en meer.

Een groot voordeel voor de wijk is volgens Van Veelen dat veel nieuwe mensen er naartoe trekken. “Een kwart van de buurtbewoners behoort tot de creatieve klasse. Dat zijn kunstenaars, schrijvers, muzikanten, enzovoort. Deze mensen zijn bewust naar onze wijk verhuisd omdat zij hier mogelijkheden zien. In het centrum van Amsterdam is het onmogelijk iets op te bouwen: alles is daar al. Hier was niks, en dus is dit de ideale plek om iets nieuws te ontwikkelen en op te bouwen. Dat is wat nu veel nieuwe bewoners aantrekt.” Dat is ook duidelijk terug te zien in de Javastraat, waar naast de kebabtent nu een hip koffiebarretje ligt. In de wijk waar meer dan 100 verschillende talen worden gesproken, gaan totaal verschillende culturen nu hand in hand.

 

 

Interviewkandidaat.
Rob van Veelen.
Rob van Veelen is uitermate geschikt als interviewkandidaat omdat hij al sinds 2008 participatiemakelaar is in de Indische buurt in Amsterdam. Hij heeft dus al een groot deel van het buurtvernieuwingsproject meegemaakt en kan ons vertellen over de ontwikkeling en de voortgang daarvan. Daarnaast staat hij door zijn functie als participatiemakelaar midden tussen de buurtbewoners in en weet hij precies wat er gaande is en wat er in hen omgaat en wat zij doen.

Centrale interviewvragen.
– Wat doet u precies als participatiemakelaar?
– Hoe heeft de Indische buurt zich in de afgelopen jaren ontwikkeld?
– Op welke manier hebben de buurtbewoners daaraan bijgedragen?

Invalshoek.
Ik heb ervoor gekozen om me vooral te richten op het positieve aspect van de Indische buurt, omdat de buurt veelal negatief naar voren komt. Ik wil de vooruitgang van de buurt belichten en laten zien wat de buurt beter maakt dan een aantal jaar geleden.

Evaluatie.
Rob van Veelen heeft ons heel veel verteld, dus veel vragen naar aanleiding van ons gesprek heb ik niet meer. Wel ben ik benieuwd of het in andere Vogelaarwijken ook zo goed gaat en hoe de verbetering en vernieuwing daar aangepakt wordt. Het lijkt me interessant om dat van alle 40 Vogelaarwijken in Nederland in kaart te brengen en daarbij de vraag te stellen: moeten deze wijken eigenlijk nog wel de naam Vogelaarwijk dragen?

Ik zou er de volgende keer voor zorgen dat ik meer bronnen kan spreken. Nu was er te weinig tijd om meerdere bronnen te spreken, en dan krijg je toch maar één kant van het verhaal te horen. Als je meer tijd hebt en dus meer bronnen kunt spreken wordt het verhaal minder eenzijdig.

Als ik een eerstejaars student tips zou moeten geven naar aanleiding van deze training voor het maken van een reportage, zouden dat de volgende zijn:

  • Bereid je goed voor. Zorg dat je je van tevoren inleest in het onderwerp zodat je niet voor verrassingen komt te staan en geen onnodige vragen hoeft te stellen.
  • Zorg dat je van tevoren minstens één afspraak hebt gemaakt. Dat beperkt het risico om met niets terug te komen en zorgt ervoor dat je met een iets geruster gevoel op pad kunt.
  • Kijk verder dan je neus lang is. Neem alles goed in je op en praat met mensen over dingen die je opvallen en die hen opvallen.

Reageer op dit artikel