Stiefoma Jo (74): ‘Samen zijn zorgt ervoor dat het leven draaglijker is’

Foto: RichardBH // Flickr

Steeds meer ouderen verkiezen hun eigen huis boven een verzorgingshuis. Waar in 2012 62 procent van de 85-plussers ervoor koos om thuis te blijven wonen, was dat percentage in 2016 naar 72 procent gegroeid, schreef de Volkskrant begin dit jaar. Zo ook mijn opa, Harry Panis (87). Samen met zijn vriendin, Jo Kemmeren (74). Het is zijn wens om samen met haar oud te worden.

Toen mijn oma in 2015 overleed wist ik, hoe moeilijk het ook was om te beseffen, dat snel een plaats te geven. Ze was toch oud geworden? Ze had toch een mooi leven gehad? Soms vertelde ze me dat ze eigenlijk wel klaar was met het leven. Ze las het nieuws niet meer want alle negativiteit waar de krant mee vol stond, deed haar pijn en verdriet. Ze had mensen heen zien gaan die stukken jonger dan haar waren.

Zoals mijn tante overleed, de vrouw van haar zoon. Haar door kwam onverwachts. Een hersenbloeding. Ik herinner me de dag nog dat we in het mortuarium afscheid van haar konden nemen. Samen met mijn moeder en oma stond ik, toen 10 jaar, voor de grafkist. Mijn oma legde haar hand op die van mijn tante. Tranen vloeiden. “Hier had ik moeten liggen”, snikte ze. Die opmerking maakte mij erg verdrietig.

Het verschil tussen mijn oma en mijn opa was dat ik bij opa nooit het idee was dat hij al uitgeleefd was. Bij opa was het altijd feest. Hij bedacht spelletjes, hij had een ‘bos’ in zijn achtertuin – vorige week kwam ik erachter dat dit bos eigenlijk maar uit vier bomen bestond, vandaar de aanhalingstekentjes – en hij nam ons voor zijn verjaardag mee naar Disneyland Parijs. Het was niet voor niets dat we wekelijks M’n Opa van Ja Zuster, Nee Zuster zongen, wanneer we op zaterdagochtend weer zijn kant op gingen.

Opa had tot voor kort zin in het leven. Toch wordt hij langzaam ouder. Het leven wordt wat moeilijker voor hem. Hij heeft een gehoorapparaat aan moeten schaffen en een rollator. Hoewel hij eerst ruim een kop groter was dan ik, loopt hij inmiddels zo krom dat ik hem ‘voorbij gegroeid ben’ en ook autorijden gaat hem niet zo goed meer af.  Gelukkig hoeft hij dit alles niet in zijn eentje door te maken. Hij woont namelijk samen met Jo Kemmeren, de vrouw met wie hij oud wil worden. Maar hoe zien de twee dat voor zich?

Van het een kwam het ander

Het tweetal kende elkaar al lang toen ze bij elkaar kwamen. Jo was getrouwd met Sjef Kemmeren. Harry met Toos Kemmeren. Je raadt het al: Sjef en Toos waren broer en zus. “Jo was dus mijn schoonzus”, vertelt Harry. Toen Harry vijftig was overleed Toos. De tweeëntwintig jaar die daarop volgde woonde hij alleen. Dat was een lastige tijd, maar gelukkig kon hij altijd steun zoeken bij Jo en Sjef, die tevens in het huis naast hem woonden.

In die tweeëntwintig jaar dat Harry alleen woonde, overleed ook Sjef. Jo: “Harry kwam af en toe een bakske drinken. Hij wist me te ondersteunen in de moeilijke tijd en van het een kwam het ander eigenlijk.” Twee jaar na het overlijden van Sjef besloot Harry zijn huis te verkopen en in te trekken bij zijn buurvrouw, die vanaf dat moment mijn ‘stiefoma’ werd. Harry moest in het begin erg wennen aan deze toestand. Hij woonde in een ander en kleiner huis en dat moest hij ook nog eens met iemand anders delen. “Harry woonde natuurlijk al erg lang alleen. Hij moest ineens rekening gaan houden met mij”, zegt Jo. “Maar hij heeft zich goed aangepast hoor!” Harry lacht. “Jij ook!”

Nogmaals verhuizen

Na veertien jaar lang in het huis van Jo gewoond te hebben, besloot het tweetal dat het tijd was voor een nieuw avontuur. Ze zagen zich geen toekomst meer voor ogen in de bungalow aan de Ruiterbaan in Dongen-Vaart, het huis waar ze woonden. De tuin was te groot om op hun leeftijd nog te kunnen onderhouden en de supermarkt lag te ver weg. Dongen-Vaart is klein dorpje in de gemeente Dongen. Naast twee cafés bestaat het dorp eigenlijk vooral uit een lange straat huizen. Wanneer ze ergens heen wilden, moesten ze het dus vaak verder zoeken.

Samen verhuisden ze naar Dongen. Hier vonden ze een vijfkamerappartement op drie hoog aan het Europaplein. Dongen was een wereld van verschil naast hun oude woonplaats. Het dorp telt iets meer dan 25.000 inwoners en biedt verschillende faciliteiten voor jong en oud. De supermarkt ligt nu op nog geen twintig meter van hun appartement en ook op sociaal gebied heeft hun nieuwe woning alles te bieden wat ze nodig hebben. “We gaan wekelijks naar de jeu de boules-club en zorgen met wat andere bewoners van het appartementencomplex voor een tuintje.” Ook is het makkelijker om hun familie te bezoeken, waarvan een groot deel in Dongen woont. Jo: “Het bevalt hier echt goed. We wonen hier over twee weken alweer twee jaar!”

Samen oud worden

Met de verhuizing bleek dat het tweetal zich begon te realiseren dat ze ouder werden. “Dit merken we in meer dingen”, vertelt Harry. “Zo vinden we het erg leuk om samen nog op vakantie te gaan, maar hoelang dat nog kan weet ik niet.” Jo: “We lopen natuurlijk tegen allerlei dingen aan. Je bent afhankelijk van anderen. Vroeger pakte je zelf de auto en ging je erop uit, maar tegenwoordig moeten we weggebracht worden.” Ook vertelt ze dat de vitaliteit van Harry achteruit gaat. “Lopen is erg vermoeiend voor hem. Laatst waren we naar Oosterhout geweest en hebben we een stukje gelopen met de rollator. Dat was wel te doen. Maar als hij deze thuislaat, komen we niet ver.”

Hoewel het moeilijk voor haar is om haar partner zo achteruit te zien gaan, blijft het tweetal onvoorwaardelijk voor elkaar klaarstaan. Op feestjes zorgt Jo dat de koffie van Harry voorzien wordt van melk en zoetjes. En ook zijn ‘recept om oud te worden’ – twee vieux’tjes met suiker voor het slapen gaan – maakt ze dagelijks voor hem. Harry hangt op zijn beurt iedere 22 augustus – de dag waarop ze officieel samen kwamen – de Nederlandse vlag buiten. “Zo kan iedereen zien dat het feest is!”

Het is volgens het tweetal belangrijk om elkaar af en toe een blijk van waardering te geven. “Het samenzijn zorgt er toch voor dat het leven draaglijker is. Je bent niet alleen. We kunnen van tijd tot tijd samen uit eten gaan of reis. Op die manier maken we het een beetje gezellig voor elkaar”, glimlacht Jo.

Reageer op dit artikel