Goed, slecht of er tussenin: de kern van de mens

De nazomer is voor mij symbolisch voor het afsluiten van een hoofdstuk, en het beginnen van een nieuwe. De zon gaat eerder onder en de blaadjes vallen voorzichtig naar beneden. Je kunt het enigszins vergelijken met een bedevaart, waar je jezelf achter laat, en opzoek gaat naar een nieuw perspectief. Er is dan ook geen betere tijd om dit te doen dan in september.  
 
21/09/21, Geschreven door Iza Radinem De Bruin 

Het is vroeg in de middag wanneer ik de bus uitstap ergens midden in een poldergebied in de buurt van Utrecht. Omringt door groen komt mijn ziel tot rust. Het gebied voelt enigszins vertrouwd omdat ik hier in de buurt ben opgegroeid. Maar voor nu laat ik dat gevoel even los. Ik ga mij volledig focussen op het onbekende.  

De vraag waar ik mee rondloop luidt als volgt: is een mens in zijn kern goed of slecht? Dit oogt wellicht als een gesloten vraag, maar niets is minder waar. Want wat is de definitie van goed en slecht? En een belangrijke follow-up, waarom dan? 

Wanneer ik langs een ouder stel wandel en wij vriendelijk elkaar gedag zeggen, denk ik: goed! Maar wanneer ik niet veel later een ander stel passeer, denk ik: slecht. Niet omdat ze geen knikje gaven, maar doordat ze besloten om vanavond ‘een lekker stukje vlees te eten’, want wie zijn wij om onschuldige dieren te consumeren? Natuurlijk maken deze kwaliteiten je goed of slecht, je krijgt slechts een glimp van iemands bestaan.  

Om erachter te komen of mensen goed of slecht zijn, ben ik deze tocht met een aantal mensen in gesprek gegaan. Een van hen is een evangelische dominee, maar voor mij eerder bekend als ‘opa’. Hij is van mening dat sinds Adam en Eva van de verboden boom hebben gegeten, een mens slecht is. Toen is namelijk het zondigen begonnen. En als je zondigt, ben je volgens hem slecht bezig. Maar dominee De Bruin geeft aan dat het uiteraard niet zo zwart-wit is. “Wij mensen hebben soms de neiging om slechte dingen te doen. Denk aan het aanbidden van afgoden. Maar we hebben ook de neiging om andere mensen te helpen, en dat is het goede wat in ons naar boven komt.” 

Zijn antwoorden geven mij iets om over na te denken terwijl ik verder door de polder banjer. Ik wil graag geloven dat een mens goede bedoelingen heeft, maar ik weet dat het tegendeel soms waar is. Of dat geruststellend is, is maar de vraag. Een dictator denkt ook dat hij ethisch verantwoordelijk is. Hij heeft goede bedoelingen, maar zijn daden brengen toch een hele hoop leed voor anderen met zich mee. Het definiëren van goed of slecht blijkt voor mij nog knap lastig. Daarom ontmoet ik Nynke Bijma, een student filosofie aan de Universiteit van Utrecht. Aan de rand van het centrum begroeten we elkaar, en gaan we meteen opzoek naar een antwoord op mijn vraag. 

“Wat voor jou goed of slecht betekent, hangt helemaal af van waarin je gelooft’’, begint Bijma. “Als je leeft volgens de bijbel als christen zijnde, dan is dat je leidraad voor goed of fout.” Ze vertelt ook over de theorie van de Engelse filosoof Jeremy Bentham en John Steward Mill, zij pleitte voor het utilitarisme, een ethische stroming die streeft naar zoveel mogelijk geluk voor zoveel mogelijk mensen. Zo kun je namelijk ook bepalen of je goed bezig bent.  

Ook de deugdethiek van Aristoteles wordt besproken. Hij zegt dat je jezelf niet moet richten op de goede daden of intenties, maar juist op het hebben van een goed karakter. Want als je karakter goed is, floreer je, dan worden je acties vanzelf goed. “Aristoteles zegt dat om een goed karakter te krijgen, je tussen alles het midden moet kiezen van twee extremen. Dus niet laf of overmoedig, maar er tussenin, namelijk dapper. Daar moet je naar streven.”  

“Voor elke theorie kan je wel weer een bezwaar bedenken”, zegt Bijma terwijl we hartelijk verwelkomd worden in de Domkerk. “Misschien is goed of fout zo simpel als een onderbuikgevoel. Er bestaat geen universele wet hiervoor.” Voor Bijma verandert haar visie of de mens goed of slechts is nog weleens. Uiteindelijk maakt dat ook niet zoveel uit, denk ik.  

Tussen het filosoferen door kijken we rond. De eeuwenoude kerk zorgt misschien wel voor de perfecte setting. Ondanks dat we fluisteren, galmen onze wijze woorden door het heilige gebouw, daar waar echt naar je geluisterd wordt. Na een poosje komt er een man naar ons toegelopen. Op zijn borst hangt een naamplaatje met ‘Nico’ erop gedrukt. Hij vraagt ons om omhoog te kijken. Blijkbaar staan we op het meest prachtige gedeelte van de gigantische kerk. “Als je kijkt naar de 32 meter hoge pilaren, kun je zien dat ze verschillen. Elke bouwmeester laat zijn eigen accent zien. En deze kerk heeft heel wat bouwmeesters gekend. De eerste steen werd namelijk gelegd in 1254, maar de kerk was pas klaar in 1520.” Een indrukwekkende kerk is het zeker. 

Van al dat praten krijg je dorst, dus waagde Bijma en ik ons aan een ruimverdenkend middel, namelijk een biertje. Op het terras werden we vergezeld door een medestudent van Bijma: Cas van het Laar. Nu ik een betekenis heb kunnen vormen over wat goed en slecht is, leg ik hem de ultieme vraag voor: is de mens goed of slecht? 

Na even twijfelen antwoord hij dat de mens vanuit zichzelf goed is. “Wanneer er morele gevoelens opkomen, dus wanneer we vervuld worden van het idee dat iets goed is, is dat een van de weinige dingen die vanuit zichzelf een rechtvaardiging is om iets te doen.” Hiermee bedoelt hij dat het op dat moment geen kwestie meer is van afvragen, maar van doen. “De mens is goed omdat zodra iets herkent als goed, niet anders kan.” Het is haast een impuls.  Bijma vraagt zich af of dat is omdat het sociaal geaccepteerd wordt, of omdat je het echt als een soort reflex ervaart. Van der Laar legt uit dat het best kan zijn dat het gevoel en de wijze waarop het voorkomt erg dicht samenhangen met de samenleving waarin je bent opgegroeid. “Maar ik geloof niet dat een echte morele handeling gemaakt wordt omdat het sociaal geaccepteerd wordt.”  

Na afscheid genomen te hebben van Bijma en Van De Laar slenter ik in mijn eentje door de drukke straten van Utrecht. Ondanks dat ik veel theorieën en meningen gehoord heb, heb ik geen antwoord op mijn vraag. Hoe cliché het misschien ook klinkt; ik heb eigenlijk alleen nog maar meer vragen. Hoeveel van deze mensen zien zichzelf als goed of slecht? En waarom is dat zo belangrijk? Om dat allemaal te beantwoorden, moet ik toch werkelijk op een échte bedevaart gaan.  

Wat ik wel kan concluderen -al is dat grotendeels aanname- is dat het niet uitmaakt of iemand goed of slecht is. Wat belangrijk is, is dat je probeert beter te zijn dan dat je de dag hiervoor was. Want daar gaat het allemaal om: jezelf blijven ontwikkelen en proberen de beste versie van jezelf te zijn, terwijl je je naaste liefhebt. Ik denk dat die denkwijze de sleutel is tot tevreden zijn is.  

Reageer op dit artikel