Herpakken op het moment dat een terugval dreigt

Sinds de start van de coronapandemie ervaren veel jongvolwassenen burn-outklachten, maar ook daarvoor was er al een stijging te zien in het aantal burn-outgevallen bij deze leeftijdscategorie. Hoe komen zij hier weer uit? En wat kunnen ze doen om een terugval tegen te gaan?

De zomervakantie van 2019 wordt een hele mooie. Het is midden juli en dus hartje zomer. Dat merk je aan alles. Prachtig weer, veel mensen op de been en vooral de studenten genieten vrolijk van de vrijheid na een druk studiejaar. De twintigjarige Jasper Kluten had het niet anders verwacht. Ook hij is de eerste dagen van de vakantie blij geweest dat hij wat rust kon nemen, maar sinds vanochtend denkt hij daar anders over. Vanaf het moment dat hij wakker is geworden, voelt Jasper zich anders, maar hij kan er niet meteen de vinger op leggen. Zijn lichaam voelt zwaar en de hartkloppingen die hij de afgelopen tijd wel eens vaker heeft gevoeld, zijn terug. De warme zon zou hem eigenlijk moeten motiveren om er een leuke dag van te maken, maar op de een of andere manier heeft hij nergens zin in. Zijn bed is de enige plek waar hij wil zijn.  

Ergens schrikt Jasper van zijn eigen gedachtes, maar hij probeert zich ervan te overtuigen dat dit verdoofde gevoel er op zijn tijd bij hoort. Misschien is het gewoon de vermoeidheid na een druk schooljaar. Het is immers zijn eerste jaar als student Journalistiek geweest. Dat betekent veel nieuwe indrukken en een verandering in je leven. Vooral als je vanuit het Limburgse dorpje Bunde, waar je iedereen kent en een hechte kring aan mensen om je heen hebt, opeens alleen in Tilburg terechtkomt.

Volgens het RIVM is de studententijd een levensfase waarin de gevoeligheid voor psychische klachten hoog ligt. De Monitor Mentale Gezondheid Studenten uit 2021 laat bijvoorbeeld zien dat hbo- en universiteitsstudenten ondergemiddeld scoren op levenstevredenheid en veerkracht. Ook blijkt uit dit onderzoek dat 76 procent van de studenten prestatiedruk ervaart en 97 procent last heeft van stress, waarvan 62 procent aangeeft hier veel last van te hebben. Dit zijn allemaal factoren die kunnen bijdragen aan het ontwikkelen van psychische klachten, zoals een burn-out. 

Steeds meer zorgen

Jasper weet niet waar hij de energie en motivatie vandaan moet halen om iets te ondernemen. Hij schrikt steeds meer van de somberheid die zijn lichaam overgenomen lijkt te hebben en juist door de angst om zich nog slechter te gaan voelen, zondert hij zich steeds meer af. Gedurende de vakantie vragen vrienden hem geregeld om iets leuks te gaan doen, maar Jasper ziet het plezier er niet van in en gelooft ook niet dat de rest erop zit te wachten dat hij zich aansluit. Dit resulteert erin dat Jasper zeven weken alleen thuis zit. Gedurende de dag doet hij eigenlijk vrij weinig en zodra het avond wordt, klampt hij zich vast aan zijn telefoon om urenlang door Instagram te scrollen en de succesverhalen van andere mensen te bekijken. Het geluk van anderen neemt de overhand in zijn gedachten en confronteert hem steeds meer met het feit dat zijn leven niets betekent in vergelijking met het geluk dat de foto’s op Instagram uitstralen. Hij voelt zich namelijk niet zo. Hij onderneemt niet zulke geweldige dingen.  

Er gaat iets mis  

In september durft Jasper de stap te zetten en gaat hij langs bij een praktijkondersteuner. Het idee om hulp te zoeken speelde al vanaf het begin van zijn klachten door zijn hoofd. Toch hield zijn wantrouwen hem eerder tegen. De gedachten dat hij nooit meer uit dit gevoel zou komen en dat niemand hem daarbij zou kunnen helpen, waren erg sterk. Nu heeft hij de knop omgezet. Hij wil niet langer met dit gevoel rondlopen en weet dat het juist goed voor hem zou zijn om er met een onbekende over te praten.  

De praktijkondersteuner neemt met Jasper het verhaal door en laat hem inzien dat er al jaren iets niet goed is gegaan, waardoor hij nu deze klachten heeft.  

Voordat Jasper aan zijn opleiding begon, heeft hij twee tussenjaren genomen. Dit deed hij niet omdat hij niet wist wat hij wilde, maar omdat hij te zenuwachtig was om te beginnen met studeren. Hij wist niet zeker of hij er wel klaar voor was en dit zorgde ervoor dat er destijds al stress werd opgebouwd. 

Toen zijn studie uiteindelijk begon, wist Jasper eigenlijk niet wat hij kon verwachten. Er kwamen enorm veel nieuwe dingen op hem af vanuit zowel de opleiding als zijn verhuizing naar Tilburg en het missen van zijn naasten. Het feit dat zijn grote ambitie om verder te komen in hetgeen dat hij leuk vindt – gesprekken voeren met mensen, verhalen ontdekken en reportages en video’s maken – er daarnaast ook nog voor zorgde dat hij zichzelf enorm hard pushte om dingen te realiseren, resulteerde in het overschrijden van zijn eigen grenzen.  

Niet iedereen is even gevoelig voor het krijgen van een burn-out. Bepaalde karaktereigenschappen kunnen bijdragen aan het ontwikkelen van deze klachten. De meeste mensen die met een burn-out te maken krijgen missen een bepaalde vorm van zelfbestuur. Ze wegen de meningen en eisen van anderen zwaarder dan die van henzelf en gaan hierin mee, waardoor grenzen vaak overschreden worden. Daarnaast zijn er ook nog een aantal andere karaktereigenschappen die de kans op een burn-out vergroten. Doorzettingsvermogen, discipline, perfectionisme, een hoog verwachtingspatroon, verantwoordelijkheidsgevoel en loyaliteit zijn hier een voorbeeld van. Deze eigenschappen worden doorgaans als positief ervaren, maar wanneer iemand hierin doorslaat, kan dit problemen met zich meebrengen. Er wordt dan gefocust op het behalen van een doel, zoals een goed cijfer of de tevredenheid van een naaste, waardoor er niet meer naar het eigen gevoel, zoals vermoeidheid geluisterd wordt.  

Genegeerde signalen

Samen met de praktijkondersteuner ontdekt Jasper dat hij eigenlijk continu bezig is geweest met de verwachtingen die anderen van hem hebben. Hij is namelijk een groot voetbalfanaat, waardoor zijn omgeving ervan uitgaat dat hij uiteindelijk sportjournalist zal worden met voetbal als hoofddoel. Een ESPN-verslaggever bijvoorbeeld. Maar al vrij snel tijdens het traject bij de praktijkondersteuner beseft Jasper dat dat helemaal niet is wat hij wil. Hij heeft dus voortdurend gewerkt vanuit een verwachting die hem geen voldoening gaf.  

Dit heeft ervoor gezorgd dat aan het eind van het schooljaar Jaspers energielevel enorm daalde. Dit merkte hij toen al aan zijn motivatie en fysieke kwaaltjes, zoals hartkloppingen en zweetaanvallen. Toen hij over een brug in Maastricht liep, werd hij zelfs bang dat hij flauw zou vallen. Achteraf gezien waren dit al signalen dat er iets niet goed ging, vertelt de praktijkondersteuner. Jasper dacht hier destijds echter niet echt over na en ging ervan uit dat hij zichzelf de klachten aanpraatte, omdat hij van anderen soortgelijke verhalen had gehoord. Toch zorgden de klachten er wel voor dat Jasper zich toen al anders ging gedragen. Zo deed hij minder vaak mee met groepsactiviteiten onder het mom dat hij te moe was.  

Dat Jasper al veel langer met dit soort patronen rondliep en er niets aan veranderde, heeft uiteindelijk voor de klap gezorgd. Hij kan niets meer. Het blijkt een burn-out te zijn.  

Niet de enige  

Dat burn-outklachten steeds meer voorkomen bij studenten is al langer duidelijk. Zo blijkt uit een analyse van het Interstedelijk Studenten Overleg dat er tussen 2014 en 2019 gemiddeld genomen al 53 procent van de studenten met burn-outklachten kampte en in een rapport van de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek komt naar voren dat er tussen 2017 en 2018 bijvoorbeeld al een stijging van 3 procentpunt zat in het aantal jongvolwassenen tussen de 20 en 24 jaar met deze klachten. Jasper is dus niet de enige die al op jonge leeftijd met een burn-out te maken krijgt. 

Volgens hoogleraar klinische psychologie en psychotherapie Jan Derksen is het moeilijk vast te stellen in welke maten deze klachten ook al bij voorgaande generaties jongvolwassenen speelden. Dit komt enerzijds doordat we hierbij spreken van uiteenlopende subgroepen en anderzijds omdat er geen cijfers van voor 1997 bekend zijn, aangezien er daarvoor nog geen meetelementen voor burn-outs bestonden. Toch is het wel bekend dat er vanaf de eerste cijfers gedurende de jaren een stijging is ontstaan rondom het aantal jongeren met een burn-out. Vooral vanaf 2004 begon deze stijging en dat is ook het moment dat internet in een opmars kwam. Er is geen hard bewijs dat dit een oorzaak-gevolgsituatie is, maar wat Derksen wel weet is dat er vanaf dat moment een bepaald ideaalbeeld is geschetst via de sociale media, waardoor er meer druk is ontstaan om het perfecte leven te leiden.

Psycholoog Saskia Kruter bevestigt dat een burn-out bij studenten inderdaad te maken kan hebben met de hoge druk die zij ervaren. “Vanuit de maatschappij is er een bepaalde verwachting en eis ontstaan dat alles maar perfect moet.” Wanneer iemand voor een lange tijd aan deze eisen probeert te voldoen en daarmee continu over een persoonlijke grens gaat, kan iemand op een gegeven moment zo uitgeput raken dat functioneren niet meer lukt. Dat kan een burn-out betekenen, legt Kruter uit.  

Volgens de website Instatera, waarop burn-out specialisten hun kennis delen, speelt naast de sociale media ook de digitalisering in het algemeen een rol in de stijgende burn-outcijfers. Zo loopt de werkdruk op, aangezien men continu bereikbaar is en daardoor vaak ook in de avonden en weekenden doorgaat.

Tijd voor herstel  

Jasper gaat een herstelproces in, waarbij hij eerst moet gaan erkennen dat hij over zijn grenzen heen is gegaan en daarnaast moet leren herkennen welke signalen hem waarschuwen dat dit gebeurt. Zijn praktijkondersteuner vertelt hem dat hij als het ware zijn klachten, zoals sombere gedachtes en stress, moet omarmen. Jasper vindt dit in eerste instantie een vreemde opmerking. Hoe kan je nou iets omarmen wat je niet in je leven wil? Hij vecht er liever tegen of zoekt afleiding om het te vergeten, zoals sporten. Toch wordt hem geadviseerd om te stoppen met vechten tegen zijn gevoel en te accepteren dat het er is. Vechten zou het gevoel namelijk alleen maar erger maken. Langzaamaan begint hij in te zien dat zichzelf verdoven niet de juiste oplossing is. Het is beter om zijn gevoel als het ware een bank aan te bieden om op te gaan zitten. Het er gewoon te laten zijn. 

Janske Tamaëla heeft haar eigen burn-outcoach praktijk MetJanske en geeft aan dat het inderdaad heel belangrijk is om in de eerste fase die rust en acceptatie te vinden. “Wanneer je dit nog niet gedaan hebt, ben je ook niet in staat om op jezelf te reflecteren. De stress heeft het vermogen om dit te doen plat gelegd. Het is daarom essentieel om leuke dingen te doen en te ontspannen, voordat je verder kan,” vertelt ze. 

Hierom leert Jasper in de eerste fase ook hoe hij naar zichzelf moet luisteren en uit kan zoeken wat hetgeen is dat hij wil en waar hij energie uit haalt. Hoewel hij niet per se zin heeft om iets te ondernemen, moet hij juist leuke dingen gaan doen om tot rust te komen en te ontdekken wat zijn energiegevers zijn. Hij begint met het denken aan de passies die hij had, voordat de invloed van anderen hierbij kwam kijken. Hij beseft dat hij zich wil verdiepen in human interest, verhalen wil horen. Hij wil reizen en mensen ontmoeten. Met dit gegeven begint hij met het verbreden van zijn sociale vaardigheden en kijkt hij verder dan de standaard groepen waarmee hij omgaat en de gesprekken die hij hier in voert. Hij vindt zijn eigen wil terug en leert steeds meer contact te maken met zichzelf, waardoor zijn vuurtje voor de dingen die hij wil doen beetje bij beetje wordt aangewakkerd.  

Dan is het tijd voor de tweede stap: het reflecteren op het eigen gedrag om te ontdekken waar de valkuil ligt en wat hieraan veranderd kan worden. Samen met de praktijkondersteuner bespreekt Jasper de pijnpunten en angsten die hij ervaart. Hij wil alles zo goed mogelijk doen, zo snel mogelijk vooruitgaan en vooral geen mensen teleurstellen. Dit zorgt er bij hem voor dat hij alsmaar doorgaat met hard werken om de doelen die hij heeft te behalen. Dit creëert een enorme druk. Hij neemt geen rust en haalt zelf weinig voldoening uit de doelen die hij stelt. Hierdoor verliest hij alleen maar energie zonder er iets voor terug te krijgen. Doordat Jasper dit nu weet, weet hij ook wat hij moet veranderen om uit deze burn-out te komen: focussen op eigen interesses, op tijd rust nemen en luisteren naar zijn lichaam.  

Jasper probeert weer wat ritme en routine in zijn leven te brengen. Hij zet bepaalde tijden waarop hij opstaat en gaat sporten, zodat hij zich er beter toe kan zetten. Hier neemt hij de tijd voor en dat is volgens de ondersteuner ook heel belangrijk. Het zorgt ervoor dat Jasper een half jaar studievertraging oploopt, maar dan heeft hij zichzelf ook weer aardig terug kunnen vinden. 

Angst voor herhaling 

Na dit traject vinden familieleden dat het voor Jasper tijd wordt om de draad weer op te pakken en terug naar school te gaan. Zij vertrouwen erin dat Jasper klaar is voor deze stap, maar zelf twijfelt hij nog. Hij is er niet zeker van dat hij helemaal van de burn-out af is en de angst dat het erger terugkomt speelt voortdurend door zijn hoofd.   

Zowel Janske Tamaëla als Saskia Kruter geven aan dat het mogelijk is dat een burn-out terugkeert. Alhoewel dit alleen gebeurt wanneer mensen terugvallen in bepaalde gewoontes die ze voor het traject hadden. Dat die gewoontes er zijn is niet gek volgens Kruter. “In onze ontwikkeling kan het best zijn dat een bepaalde pijn al onderliggend is, maar dat je de tools nog niet hebt om ermee om te gaan. Je neemt dan automatisch een bepaalde overlevingsstrategie aan. Het kan echter zo zijn dat deze strategie niet bevorderlijk is, waardoor die je op een gegeven moment meer gaat kosten dan opleveren.” Vandaar dat het ook zo belangrijk is dat de onderliggende pijnpunten en patronen worden aangepakt bij het herstellen van een burn-out. “Alleen pleisters plakken werkt niet. Dan val je binnen de kortste keren terug.”  

Dat de angst voor een terugval er is, is overigens niet vreemd. Zo vertelt Tamaëla dat vrijwel iedereen die bij haar komt in de eindfase dezelfde angst ervaart als Jasper. “Ze zullen weer geconfronteerd worden met stressbronnen die eerder aan de burn-out hebben bijgedragen en zenuwen daarvoor zijn begrijpelijk, maar ondertussen hebben ze wel iets geleerd over zichzelf, waardoor ze nu kunnen handelen vanuit kennis en weten hoe ermee omgegaan kan worden.”  

Terug naar het draaiende leven  

Jaspers naasten vertellen hem dat het juist goed voor hem zou zijn om de uitdaging aan te gaan. Door dingen te ondernemen zal hij dan vanzelf zien of hij nu beter om kan gaan met een draaiend leven. Hij besluit het daarom te proberen en keert terug naar zijn studie. Met enig wantrouwen dat het gaat lukken, pakt hij de draad langzaam weer op en stapt hij de school binnen. Daar beseft hij vrijwel meteen hoe fijn het is om vrienden te zien en doelen te stellen. Het duurt daarom ook niet lang voordat hij doorkrijgt dat het inderdaad beter met hem gaat. Hij kan voor het eerst weer lachen en wordt blij van de dingen die hij doet. Hij is socialer en actiever geworden en kan nu makkelijker relativeren. Dit werkt in zijn voordeel, aangezien hij niet meer zo’n streng verwachtingspatroon van zichzelf heeft en meer kan genieten van de kleine dingen.  

Hij merkt ook dat het stellen van doelen en deze waarmaken hem een goed gevoel geven, vooral als het ook lukt zoals hij het van tevoren had bedacht. Eindelijk heeft hij zijn ambitie om vanuit zijn passie te werken terug.  

Jasper beschikt nu over de tools om naar zichzelf te luisteren en de druk te verlagen, waardoor hij zichzelf kan beschermen tegen terugkomende klachten. Hij moet trainen om dit in stand te houden, aangezien het voor hem makkelijk is om deze kennis los te laten wanneer er iets verkeerd gaat, maar hij houdt zichzelf bewust van het feit dat hij ver kan komen als hij zich eraan vasthoudt.  

Hij weet daarom ook dat hij niet te hard van stapel moet lopen. Het grote gevaar zit bij hem namelijk bij te grote doelen opstellen, waardoor het onmogelijk wordt deze te behalen. Wanneer dit dan mislukt, zou hij zich juist weer somber kunnen gaan voelen en terugvallen.  

Vandaar dat het voor Jasper in dit opzicht misschien wel goed uitkomt dat de coronapandemie uitbreekt. Heel even voelt hij de angst dat hij door het wegvallen van de routine en schoolopdrachten terug zou kunnen vallen in sombere gedachtes. Vooral ook omdat deze omslag precies rond dezelfde periode plaatsvind als het jaar hiervoor zijn klachten op begonnen te spelen. Jasper komt er echter al snel achter dat het hem juist wel goed doet om even vrij te zijn van school. Ondanks dat hij niet alles kan ondernemen vanwege de coronaregels, is het wel mogelijk om tijd door te brengen met zijn familie en rust te nemen na zijn herstart op de studie. Hij heeft de ruimte om te sporten en leuke dingen te doen en geniet van de ontspannen sfeer.  

Maar dan gaat er een jaar voorbij en de pandemie lijkt geen einde te hebben. Het idee van een lange vakantie is er wel van af en ondertussen heeft het normale leven zich zo met het virus vermengd dat de opleiding weer doorgaat en de deadlines terugkeren. Lessen worden online gegeven en ondanks dat dit ervoor zorgt dat Jasper opnieuw doelen kan stellen, betekent het ook dat het enige waar hij mee bezig kan zijn school is. Vrijetijdsbesteding, zoals feestjes mag even niet, waardoor er geen afwisseling meer bestaat. Dit is een klap voor Jasper. Hij stort zich weer volledig op zijn schoolwerk en vergeet naar zichzelf te luisteren.  

Volgens Janske Tamaëla reageren mensen met een burn-out verschillend op de pandemie. Jasper laat eigenlijk beide mogelijkheden zien. De een ervaart namelijk meer vrijheid en rust, terwijl de ander bijvoorbeeld juist niet goed om kan gaan met het thuiswerken en continu overprikkeld raakt door alles wat er nog moet gebeuren, zoals huishoudelijke taken. Een duidelijke en vaste invloed van corona op de revalidatie van burn-outs is dus niet vast te stellen.  

Wat wel duidelijk is, is dat de pandemie weldegelijk een invloed heeft op de mentale gesteldheid van jongvolwassenen. Uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek is zelfs gebleken dat mensen tussen de 18 en 25 jaar meer dan andere leeftijdsgroepen een negatieve invloed van de coronacrisis op hun mentale gezondheid hebben ervaren. Ruim 30 procent van de respondenten binnen deze categorie gaven aan dat ze zich tijdens de coronacrisis vaker gestrest voelden dan voorheen. Dit bewijst dat de coronapandemie weldegelijk een invloed kan hebben op het stressgehalte van jongvolwassenen, maar dit stressgehalte was voor het virus al erg hoog binnen deze leeftijdsgroep en veroorzaakte toen ook al burn-outklachten.  

Vallen en opstaan  

Kerst 2021 breekt aan. De maanden hiervoor is Jasper veel bezig geweest en heeft hij eigenlijk geen moment stilgestaan. Nu is dat even voorbij. Het is het eerste moment dat hij weer wat voelt en de angst ontstaat dat hij wel eens terug zou kunnen vallen. Hij baalt ervan dat hij zijn oude patronen heeft aangenomen en zichzelf niet op de eerste plaats heeft gezet. De afgelopen maanden heeft hij eigenlijk niets gevoeld. Dat kan niet goed zijn. Jasper is vastberaden om het niet weer zo ver te laten komen. Hij heeft geleerd hoe hij met de druk om kan gaan en hoe hij ervoor kan zorgen dat het niet opnieuw gebeurt. Hij weet dat hij nu moet luisteren naar zijn lichaam en rust moet nemen. Hij weet ook dat dat niet erg is. Dat het zelfs nodig is.  

Jasper neemt de tijd om te reflecteren en merkt nu dat vrije tijd dus een trigger voor hem kan zijn. Na een aantal vrije dagen krijgt hij de drang om dingen te gaan doen. Hij vindt het lastig om zichzelf op dat moment rust te gunnen. De voorgaande maanden is hij doorgegaan om maar niets te voelen en nu wordt hij geconfronteerd met het feit dat hij weer even op het foute pad zat.  

Dit moment is het bewijs dat er dus weldegelijk een kans is om terug te vallen als je je niet vasthoudt aan wat je geleerd hebt. Al gaat het naar je idee nog zo goed, blijkbaar moet je goed naar jezelf blijven luisteren om te kunnen zien of oude patronen terugkeren. Met die confrontatie in zijn hoofd gaat Jasper verder, terwijl hij zichzelf er steeds op aanspreekt dat hij rust mag nemen en zijn emotie onder ogen moet komen.  

Dat Jasper hier even wankelt, maar zichzelf daarna herpakt in plaats van verder af te zwakken, is volgens Saskia Kruter heel goed. Zij heeft het idee dat veel mensen ervan overtuigd zijn dat je altijd in balans moet zijn en dat balans betekent dat je in het midden blijft. Dus wanneer er iets gebeurt waardoor we uit dat midden worden geslagen, is men geneigd om zo snel mogelijk weer op dat punt te komen en er verder niet over na te denken. “Maar die verwachting laat ons denken dat alles buiten die middenweg slecht is. Ik denk juist dat het de bedoeling is om op te merken dat je buiten balans bent en dat je daar iets mee moet, balans is de optelsom van plus en min en niet in het midden staan.” 

Nu bekijkt Jasper zijn oude foto’s op Instagram. Hij heeft al zeker twee jaar niets nieuws geplaatst, dus de foto’s zijn vrijwel allemaal genomen voor zijn burn-out. Hij ziet een dromerige jongen die hij eigenlijk niet meer herkent. Een zoekende jongen die totaal niet zichzelf was en zichzelf alleen maar spiegelde aan zijn voorbeelden.  

Nu is Jasper veranderd. Hij is zichzelf. Nog steeds wel eens zoekende, maar zich bewust van het feit dat er mindere dagen mogen zijn, zolang hij die gevoelens er maar laat zijn. Hij omarmt zijn ontwikkeling en voorkomt nu dat hij zichzelf ongelukkig maakt. Op de momenten dat hij terugvalt, herinnert hij zichzelf aan zijn passie om verhalen te vertellen en mensen te ontmoeten en dan keert het vuurtje in hem weer terug. Hij raadt daarom ook iedereen in een soortgelijke situatie aan om er in eerste instantie over te praten, zodat je je realiseert dat je niet alleen bent. Daarna is het tijd om actie te ondernemen en je oude patronen aan te pakken. Alleen dan kan je jezelf herstellen.   

Reageer op dit artikel