Stiefmoeder Sandra is dolgelukkig met haar vriend maar ze houdt niet van zijn kinderen

Foto ter illustratie: Unsplash

*Sandra van Meulen was nog maar begin twintig toen ze verliefd werd op *Mark. Hij had al twee kinderen en Sandra werd onwillekeurig stiefmoeder. Ze kwam in een lastige situatie terecht, wat resulteerde in therapie. Dit is een verhaal over haar worstelingen als stiefmoeder. 

Het is de zomervakantie van 2016; twee blonde jongetjes zijn in het appartement aan het spelen en Sandra en Mark zitten op de bank. Het is mooi weer en de Oostenrijkse natuur dat zich achter de ramen uitstrekt, ziet er ontzettend uitnodigend uit. Sandra wil wandelen, naar buiten, dingen ontdekken. Maar ze zit binnen met haar vriend en zijn kinderen. Dan kun je niet zomaar besluiten om te ver gaan wandelen, want de jongens kun je niet mee nemen. Daar zijn ze nog te klein voor.
Uit eten dan? Sandra stelt het voor aan Mark. “We moeten wel naar een restaurant toe dat speelgelegenheid heeft, anders vinden Daan en Mees niet leuk”, is de eerste reactie van Mark.
De wereld lijkt voor Sandra even stil te staan. Jezus, denkt ze. Ze kan haar eigen leven niet meer leiden. Nu de jongens mee zijn op vakantie, draait alles om hen. Ze moet moeder zijn, terwijl ze dat niet is. Sandra vindt het verschrikkelijk, realiseert ze zich.
Mark en zij belanden in een discussie maar het heeft helemaal geen zin. Uiteindelijk besluiten ze om niet uit eten te gaan. De supermarkt is om de hoek, daar halen ze het eten voor vanavond.

Sandra was tweeëntwintig jaar toen ze Mark ontmoette. Zij deed aan onderwaterhockey en hij was haar coach. “We hebben elkaar leren kennen bij de onderwaterhockeyclub en werden goede vrienden,” vertelt Sandra. “Op een gegeven moment gingen we naar Rome met het hele team en dat was ontzettend gezellig. We trokken steeds meer met elkaar op en we hadden veel dezelfde raakvlakken. Vanaf dat moment gingen we steeds meer met elkaar praten en langzamerhand werden die gesprekken dieper. We kwamen erachter dat we elkaar goed aanvoelden, maar we zaten beiden in een relatie.
Op een gegeven moment heb ik het uitgemaakt met mijn toenmalige vriend. Een tijdje later verbrak ook Mark zijn relatie met zijn ex-vriendin waarmee hij al twee zoons had. Hij werd het huis uitgezet en zocht een slaapplek. Zo kwam hij bij mij in mijn studentenhuis logeren en toen ontdekte wij echt wat we voor elkaar voelde.”

Ver-van-mijn-bed-show  
Sandra is nu zes jaar samen met Mark en toen zij een relatie kregen, had Mark al twee kinderen. Zijn zoon Daan* was twee en zijn andere zoon Mees* was nog maar negen maanden oud. Dat betekent dat Sandra in dit geval stiefmoeder werd. “In eerste instantie vond ik het leuk dat hij al twee jongetjes had. Ik ben zelf de oudste van vier, dus ik ben opgegroeid met kleine kinderen, daarnaast had ik verschillende baantjes als oppas. Ik kon altijd goed opschieten met kinderen, waardoor ik het niet erg vond dat Mark al kinderen had.”
Sandra had totaal geen voorstelling van hoe het zou zijn om in een samengesteld gezin terecht te komen. “Ik had altijd een positief beeld bij kinderen en ik vind het ook niet erg om voor ze te zorgen. Mark en ik hadden nog maar net een relatie. Ik woonde nog op mijzelf in Wageningen waar ik studeerde en in het eerste half jaar hadden we er bewust voor gekozen om mij nog niet voor te stellen aan zijn kinderen. Het was een ver-van-mijn-bed-show.”

Stiefgezin  
Een op de drie eerste huwelijken strandt. Het opbouwen van een nieuw gezin na een scheiding is erg ingewikkeld en lijkt bijna een onmogelijke opgave. Stiefgezinnen vallen bij het CBS onder de term ‘complexe gezinsverbanden’ en de nieuwkomer in het gezin van de alleenstaande ouder met kinderen, verandert statistisch tot stief. Toen het tussen Sandra en Mark echt serieus werd, vormden zij een stiefgezin. “We gingen steeds meer samendoen, ook als de kinderen er waren”, vertelt Sandra. “In 2016 zei ik mijn kamer in Wageningen op en ging ik bij Mark wonen. Dat hield in wanneer Daan en Mees bij ons thuis waren, wij samen de regels bepaalden en ze daarnaar moesten luisteren. De situatie werd voor mij opeens heel anders. Als zij bij ons thuis waren, werd ik een stiefouder en dat ging gepaard met verantwoordelijkheid, terwijl het niet mijn kinderen zijn. Na ongeveer een jaar werd het mij te veel en verhuisde ik tijdelijk terug naar een studentenhuis in Wageningen.”

Sandra worstelde veel met het feit dat zij stiefmoeder is en dat had ook te maken met de ex van haar vriend. “De moeder van de jongens deed vaak moeilijk. Ze vond het bijvoorbeeld niet kunnen als ik mee ging met een dagje naar de dierentuin of dat ik bleef slapen toen Mark nog in Enschede woonde.” Mark heeft hele erge strijd met zijn ex gehad over de kinderen en dat had ook effect op Sandra. “Mark kreeg de kinderen niet vaak te zien en als de jongens dan bij ons waren ging alle tijd naar hen. Vooral toen ze nog heel klein waren kon Mark ze niet echt alleen laten. Ik was om de twee weken mijn vriend kwijt. We konden niet zoals een normaal stel zorgeloos samen zijn, want Mark heeft twee kinderen waar hij voor moest zorgen. In het begin was dat heel moeilijk en ik heb het heel erg onderschat. Daarom dat ik in 2017 uit het huis vertrok.”

Grenzen
Corrie Haverkort, filosoof, auteur en een van de ontwikkelaars van het ‘Stiefouderschapsplan’ , vertelt in een interview met ZEMBLA (BBNVARA) dat vaak stiefmoeders geneigd zijn veel verantwoordelijkheid te nemen voor de nieuwe kinderen in het gezin, maar dat dat ook tot ergernis en frustratie leidt. De maat was bij Sandra vol toen ze in 2016 op vakantie gingen naar Oostenrijk. “Ik werd tijdens die vakantie helemaal gek. Ik was echt moedertje aan het spelen. Ik zorgde ervoor dat alle spullen mee waren, ik kookte en deed nog veel meer terwijl ik helemaal niet hun moeder ben. Het voelde echt alsof ik mezelf kwijt was.”

Pas in de zomer van 2017 ging Sandra in therapie, omdat ze paniekaanvallen kreeg. Dat was heel heftig omdat ze niet wist waar het vandaan kwam. “Tijdens de therapiesessies kwam ik erachter dat ik al mijn grenzen overging wat betreft de kinderen van Mark. Ik probeerde altijd de perfecte stiefmoeder te zijn, ik hielp Mark waar ik kon en ondersteunde hem in alles. Daar werd ik doodongelukkig van. Ik heb nu geleerd dat mijn grenzen gerespecteerd moeten worden. Ik kan Mark niet in alles helpen, hij moet dat zelf doen. Het was een gigantische levensles voor mij. De kinderen zijn van hem en ze zijn niet mijn verantwoordelijkheid.”  

Onbegrip  
Sandra had vaak het gevoel dat ze moest leven naar de verwachtingen van anderen. “Men gaat ervanuit dat je er bewust voor kiest om een relatie aan te gaan met iemand die al kinderen heeft en dat je wel weet wat je te wachten staat. Ook ligt er een stereotype op stiefmoeders, je krijgt meteen de rol als vrouw des huizes toegewezen. Alsof het vanzelfsprekend is om voor de kinderen van je vriend te zorgen.”

Johannes Mol, filosoof, hbo-docent, vader en stiefvader legt deze verwachtingen in een artikel van de Volkskrant uit. Volgens Mol verwacht de maatschappij namelijk veel meer van stiefmoeder dan van stiefvaders. De stiefmoeder moet een emotionele band hebben met de kinderen, ze kan niet zomaar de vriendin van de vader zijn. Ze moet moederen, zorgen en deelnemen. Het is een verlengde van de verwachting die de maatschappij bij moeders heeft.

Ook de vriend van Sandra duwde haar onbewust in die verzorgende rol. Mark kwam net uit een relatie en hij was gewend om samen met iemand kinderen op te voeden. Mark verwachtte van Sandra dat zij betrokken was bij de kinderen, want dat was voor hem normaal. Daar heeft hij niet bij stil gestaan.

In het begin van hun relatie werd Mark heel erg veroordeeld dat hij zijn gezin had verlaten en een relatie kreeg met Sandra die elf jaar jonger is. Sandra: “Mensen waren sceptisch en verwachtten dat ik voor de kinderen ging zorgen. Dit zorgde voor mij voor een hele erge druk van buitenaf, ik had het gevoel dat ik het moest verdienen om met Mark te mogen zijn.”  

Belangrijke lessen
Sandra is uiteindelijk anderhalf jaar in therapie geweest. Ze heeft geleerd dat ze niet alles perfect hoeft te doen. Ze moet niet leven naar verwachtingen van iemand anders, vertelde haar therapeut. Ook de schoonfamilie van Sandra bleek een verwachtingspatroon te hebben. Om ze daar bewust van te maken, was nog een hele opgave. Sandra wilde de schuld niet in hun schoenen schuiven, want ze wist dat ze het niet expres deden.
Mark hoopte dat Sandra van de kinderen zou gaan houden, maar dat was niet het geval. Ze voelt geen liefde voor Daan en Mees. “Het voelt alsof ik de boze stiefmoeder ben. Ik heb het mezelf kwalijk genomen dat ik niet van ze houd. Mijn therapeut heeft me ervan verzekerd dat ik er niks mis met me is, dat was heel fijn om te horen. Het is niet erg dat ik die gevoelens niet heb.”  

Stiefkinderen 
Het aandeel van volwassen kinderen dat een stiefmoeder als moeder ziet, is slechts 17 procent en veel lager dan bij stiefvaders. Dat blijkt uit het onderzoek Ouders en Kinderen in Nederland, uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam in samenwerking met het CBS. Het onderzoek komt uit 2017 en de deelnemers die geboren zijn tussen 1971 en 1991 vertellen over hun gezinssituatie tijdens hun jeugd en de relaties die zij op dit moment met hun ouders en stiefouders hebben. Uit het onderzoek blijkt dat kinderen van gescheiden ouders vaker bij de moeder blijven wonen in plaats van bij hun vader.

Daan en Mees wonen grotendeels bij hun moeder en zij zien Sandra als bonusmoeder. Zo ervaart Sandra het zelf niet. “Voor mij zijn het echt de kinderen van Mark. In mijn eigen ogen heb je één moeder en niet twee. Ik ben dus alleen hun stiefmoeder. De jongens vinden mij heel lief en ik vind het lastig om daar mee om te gaan. Ik probeer ze vaak een beetje op afstand te houden om geen verkeerde signalen af te geven. Ik wil mezelf ook niet voorliegen.” Toch is Sandra wel bij ze betrokken. “Ik wil ze graag mijn kennis mee geven, dus ze kunnen altijd bij mij terecht als ze ergens mee zitten. Ik wil ze bijvoorbeeld leren hoe je met anderen om gaat. Ik zal voor ze klaar staan als ze het moeilijk hebben.”  

Eigen baby 
Meer dan de helft van alle stiefgezinnen valt in de eerste vijf jaar weer uit elkaar. Dat vertelt Ed Spruijt, scheidingsonderzoeker van de Universiteit Utrecht, in een artikel van het Algemeen Dagblad. Hoe hard je ook je best doet, een stiefgezin is altijd complex. Karin den Hollander een van de schrijvers van het boek ‘De mijne zijn de liefste’ zegt in hetzelfde artikel van het AD dat een samengesteld gezin veel ingewikkelder is dan een normaal gezin. Je hebt te maken exen, kinderen van jezelf of van je partner en er kunnen meerdere opa’s en oma’s in beeld zijn. Samengestelde gezinnen ervaren zelden rust.

Toch zijn Sandra en Mark al bijna zeven jaar bij elkaar. Een jaar geleden kregen zij samen een dochter. Voordat de dochter van Sandra geboren werd, had ze veel negatieve gedachtes. Mark had natuurlijk al twee kinderen en Sandra vroeg zich af hoe hij zijn aandacht ging verdelen tussen Daan en Mees en hun kind. “Ik wil zelf niks te kort komen, maar dat wil ik helemaal niet voor onze baby”, vertelt Sandra. Toen haar dochter Emma*, er eenmaal was, bedacht Sandra zich dat ze heel blij is voor haar dochter dat de jongens er zijn. “Voor mezelf vind ik het ik het nog steeds stom dat ze er zijn, dat heeft niks te maken met de jongens en wie ze zijn, maar ik ervaar het als een soort last. Daarentegen is het voor Emma fantastisch, want ze heeft twee grote broers en hoe mooi is dat? Toen ik mij dat realiseerde ben ik wel iets verzacht richting de jongens en heeft het allemaal wel makkelijker gemaakt.”  

Een kind uit het tweede huwelijk, of in dit geval een tweede relatie, brengt ook weer complicaties met zich mee. Gezinscoach Gideon de Haan zegt in een artikel van Trouw dat ouders er vaak vanuit gaan dat de kinderen uit de eerste relatie vanzelf gaan houden van de nieuwe baby, maar dat is niet altijd zo. De Haan: “Ouders moeten niet gaan zeggen: doe eens lief tegen de baby. Dat helpt niet. Verwacht niets van je kinderen, maar leef ze alleen voor hoe je lief tegen elkaar doet.”

Emma is nu anderhalf jaar oud en de kinderen zijn dol op elkaar. “Als de jongens van Mark bij ons thuis zijn, is het lachen, gieren, brullen. Maar haar broers realiseren zich wel als ze hun zusje een tijdje niet hebben gezien en zij missen haar dan actief. Mark en ik benaderende de kinderen als broer en zus. We hebben een keer de jongens vertelt dat Emma officieel hun halfzusje is, maar dat vonden ze maar gek. Ik gun de kinderen echt een broer en zussenband.”  

Het woord: stief 
Uit hetzelfde onderzoek van de Universiteit van Amsterdam en het CBS blijkt dat de term stiefouder weinig wordt gebruikt, slechts 16 procent gebruikt stiefvader en 11 procent gebruikt de term stiefmoeder. Sandra: “Ik gebruik de naam stiefmoeder omdat ik mij zo voel. Sommige vrouwen zien zichzelf als tweede moeder, maar dan krijg je ook de verwachtingen die bij een moeder hoort, dat wil ik dus niet. Daarnaast maakt het woord ‘stief’ meteen de situatie duidelijk. Als ik zeg dat ik hun stiefmoeder ben, dan weet je meteen dat het niet mijn kinderen zijn, maar die van mijn vriend.”  

*De namen van de personen zijn gefingeerd. De echte namen zijn bij de redactie bekend.

Reageer op dit artikel