De weggeefwinkel: duurzaam, maar kan zij blijven bestaan binnen de huidige economie?

“Denk meer, consuminder!”, is de leus van De Geefwinkel in het Zuid-Hollandse dorpje Gorinchem. Monika, een van de vrijwilligers, loopt door het smalle pand dat links en rechts vol staat met spullen in hoge stellingen. Halverwege stopt ze. “Ik koop geen kleding meer.” Ze showt haar groene ribfluwelen broek, haar shirt en wollen vest. “Alles wat ik nu aan heb, komt hier vandaan. En dat doe ik al een tijdje zo.”

Het is een trend van de laatste tijd: duurzaam leven. Momenteel probeert ongeveer de helft van de Nederlandse bevolking bij te dragen aan een gezondere wereld. Dit blijkt uit het consumentenonderzoek Dossier Duurzaam, dat onder andere is uitgevoerd door de GFK, een onderzoeksbureau dat voor consumenten en bedrijven onderzoek verricht. Driekwart van de bevolking vindt het belangrijk dat bedrijven milieuvriendelijk produceren en bijna de helft van de bevolking denkt bewuster na over de spullen die ze kopen. Hierdoor hebben kringloopwinkels en weggeefwinkels hun handen vol. Beide initiatieven stimuleren het hergebruik van spullen. Maar er is een groot verschil: bij de weggeefwinkel is alles gratis. In hoeverre kan een winkel zonder inkomen zich binnen de huidige economie staande houden? Kunnen we op deze manier bijdragen aan een duurzamere samenleving?

Een gedichtje dat laat zien waar de ‘weggeefwinkel’ voor staat

Voor arm en rijk
De naam van de winkel zegt het al: ze geven alle spullen weg. Maranke Spoor uit Utrecht bedacht het idee van de weggeefwinkel. “Het is mijn doel een zo groot mogelijke bijdrage te leveren aan het herstellen van ecosystemen, de dingen die ik doe kies ik uit met dit doel voor ogen”, schrijft ze op haar website www.marankespoor.nl. Daarom startte ze in 2003 een weggeefwinkel. Sindsdien volgden heel wat andere winkels hetzelfde gedachtegoed. Er is geen kassa in het pand aanwezig en er werken alleen vrijwilligers. Alle aanwezige spullen waren van mensen die ze niet meer nodig hebben. En nog een bijzonder kenmerk: zowel arm als rijk mag meenemen wat hij of zij wil. “Hier halen rijke mensen niet zo vaak spullen, maar brengen ze vooral”, vertelt Monika, een vrouw met kort donker haar. Het komt vaker voor dat er mensen komen die het écht nodig hebben. Ze beschrijft de asielzoekers die in de buurt kwamen wonen. “Zij hebben niets en daarom komen ze hier naar toe. Daarom ben ik dit werk gaan doen: ik vind het fijn als mensen gelukkig worden met spullen die ze niet kunnen kopen.”

Monika begon hier vier jaar geleden met werken, nadat haar dochter de winkel opzette. Overal in de winkel staan bordjes met ‘geefwinkel’ en ze wilden het bewust geen ‘weggeefwinkel’ noemen. “Het klinkt zo negatief. We geven met een goed hart, we gunnen iedereen wat ze meenemen. Dan kan je jezelf geen weggeefwinkel noemen, dat lijkt zo afgedankt”, legt Monika uit, terwijl ze op een houten tafel leunt en wat kettingen in een bakje stopt.

Kaarsenhouders, tv-schermen en mysterieuze voorwerpen
Een mevrouw stapt binnen met een grote tas in haar handen. Ze zet hem op de houten tafel neer met de woorden: “Deze hebben wij niet meer nodig thuis.” In de tas zit een televisiescherm en twee hartvormige kaarsenhouders. Monika bedankt de mevrouw en zegt: “Kijk, zo gaat dat dus. Mensen brengen spullen, wanneer ze maar willen.” Ze sjouwt het televisiescherm naar een van de stellingen en plaatst hem tussen wat computermuizen en toetsenborden. De kaarsenhouders zet ze zorgvuldig tussen andere kaarsenhouders. Monika houdt een zwart ding omhoog met kuilen er in, dat op een boom lijkt. “Geloof me”, zucht ze, “je weet soms niet wat je met voorwerpen aan moet. Ik zou niet weten wat dit voor moet stellen, maar het hoeft natuurlijk ook niet elke keer mijn smaak te zijn.”

Milieubewust leven
In de weggeefwinkel start het tweede leven van het voorwerp. Zoveel mensen gebruiken spullen op zolders en in kelders niet meer. Dit is de manier waarop Geefwinkel Gorinchem duurzaamheid stimuleert. Vooral na kerst merken we dat hier goed. Mensen brengen allemaal relatiegeschenken, die ze zelf niet hoeven.” Naast kleding neemt Monika ook weleens andere voorwerpen mee uit de winkel. Dit doet ze wel altijd met toestemming van de persoon van wie het is. “Er zijn ook vrijwilligers die het voorwerp uit de handen rukken en naar achteren brengen. Dat doe ik niet, daarvoor ben ik te conservatief opgevoed”, lacht ze. “Maar op deze manier probeer ik wel zo milieubewust te leven.”

De weggeefwinkel als spiegel van de samenleving

De weggeefwinkel zorgt ervoor dat de samenleving spullen deelt, in plaats van betaalt en daarom is de winkel niet gunstig voor de economie. “Als we het Bruto Binnenlands Product (BBP) aanhouden, groeit de economie als er meer goederen en diensten worden afgeleverd. Een weggeefwinkel zorgt niet voor groei, maar voor een ruilsysteem en dat belemmert de economie”, legt econoom Esther Mirjam Sent uit. Deze winkels hebben weinig gevolgen voor de economie, maar wel voor het systeem waarmee we de economie meten. Doordat we steeds meer producten hergebruiken, is de vraag of de economische groei daadwerkelijk meet wat we belangrijk vinden. “Wij hechten steeds meer waarde aan het welzijn van mensen, duurzaamheid, sociale cohesie en dat is niet wat het BBP meet. Hierdoor illustreert de weggeefwinkel mooi de grenzen van de manier waarop wij de economie meten”, meent Sent. Wanneer we duurzamer leven, kunnen we het begrip ‘economie’ aanpassen. “Het is beter als we initiatieven als de weggeefwinkel stimuleren, dan dat we investeren in een nieuwe fabriek die nieuwe producten levert. Iedereen heeft meer bestaanszekerheid, omdat er minder verspilling plaatsvindt en we duurzamer leven”, vindt de econoom. Hierdoor verandert de betekenis van het begrip ‘economie’ en dan past ook de weggeefwinkel beter binnen de economie.

Wegwerpmaatschappij
Monika wil haar kinderen een betere wereld nalaten. “Een televisie kan geen twintig jaar mee, na vijf jaar mankeert er wat aan. Met die enorme consumptiemaatschappij hol je de aarde letterlijk en figuurlijk uit, omdat we olie blijven oppompen.” Ook het kappen van de bomen ziet ze als een risicofactor voor een slecht milieu. “We kappen hele oerbossen om maisvelden aan te leggen. Onze oerbossen zijn de longen van de aarde, straks stikken we. Vast niet vandaag, maar de mogelijkheid is er wel,” meent Monika.

De kledingrekken achter in de winkel

In de winkel loopt al een tijdje een mevrouw rond met kort blond haar. Achter in de winkel, waar de kledingrekken staan, vertelt ze dat ze een terugkerende klant is. “Ik ben tegen de wegwerpmaatschappij, en dat is de reden dat ik hier kom,” zegt de vrouw die Henny heet. Omdat ze al een tijdje werkloos is, haalt ze zelf spullen uit de weggeefwinkel. Voordat ze werkloos was, bracht ze ook vaak spullen. “Ik vind het zonde als heel de wereld zijn kleding na een paar keer dragen meteen op de vuilnisbelt gooit. Als je het hier brengt, ga je vervuiling en industrie tegen.” Henny vertelt dat ze altijd langs de geefwinkel gaat, voordat ze iets koopt. Ze komt hier met name om speelgoed in te wisselen. Haar kleinkinderen spelen tijdelijk met iets, dat ruilt ze dan in voor nieuw speelgoed. Henny klemt wat spullen onder haar arm en het plastic hoofd van Ernie steekt boven de mouw van haar jas uit.

Rust en gelijkheid binnen de nieuwe economie
Als we met nieuwe economische modellen werken, creëren we veel meer maatschappelijke rust en gelijkheid. “De reden hiervoor is dat geld er in de toekomst waarschijnlijk veel minder toe doet omdat we meer gaan hergebruiken, en dat zien we nu al bij de weggeefwinkel”, legt trendwatcher Tony Bosma uit. Daarom is een initiatief als de weggeefwinkel positief en past het goed binnen het toekomstbeeld. Volgens Bosma leven we momenteel in een wereld met een raar economisch model. “Consumptie staat voorop en we bepalen het aanzien van mensen door wat we bezitten. Dat zorgt voor een raar maatschappelijk inzicht.” De populariteit van kringloopwinkels en weggeefwinkels zorgt ervoor dat er steeds meer andere trends ontstaan. Zo is er de deeleconomie, waarin mensen spullen met elkaar delen, en de circulaire economie, waarin we spullen hergebruiken. Deze trends zetten het huidige economische systeem onder druk. Dit is alleen maar positief. “Er is een maatschappelijke omslag gaande, een bewustzijnsomslag, waarin we steeds meer doorhebben dat duurzaamheid belangrijker wordt. We willen steeds meer betekenisvol consumeren, waardoor dit soort initiatieven opkomen.”

Geven en gratis gaan niet samen
Vaak genoeg brengen klanten ook spullen terug die ze ooit meenamen. Dit gebeurt met name met kledingstukken. Klanten mogen maximaal drie dingen meenemen. “We zijn altijd lief en attent, maar als mensen zich niet aan de afspraak houden, krijgen ze de wind van voren”, meent Monika. Zo komen klanten drie keer per dag of meerdere keren per week. Daar doen ze in de winkel iets aan. “Dan zeg ik de mensen dat ze vandaag alleen mogen kijken maar niets mee mogen nemen. Dat accepteren ze eigenlijk altijd.” Volgens Monika is het nooit voorgekomen dat mensen echt moeilijk gingen doen. De mensen weten dat ze anders niet meer mogen komen, en dat is in hun eigen nadeel. Sommige mensen reageren wel een beetje verontwaardigd. “Klanten zeggen dan: ‘Maar geven is gratis! Dan kunnen we toch meenemen wat we willen?’ En dat is precies wat wij willen vermijden, want ‘gratis’ is een koop technisch woord. Wij verkopen niets, wij geven alleen. En als de klant daar misbruik van maakt, dan geef ik niets meer.”

De wand vol glaswerk

Geefwinkel vs. kringloop
Glaswerk bezet de hele linkerwand in de winkel. Stellingen die tot aan het plafond komen staan gevuld met allerlei glazen, schalen en kopjes. Glazen met een zigzagpatroon staan naast simpele drinkglazen. Ook de schalen variëren van egaal glas tot roze met stippen. Er is van alles wat. “Als we teveel van iets hebben, geven we het soms aan de kringloop”, vertelt Monika. “Zoals je ziet, is er nu een overvloed aan glazen. Vaak doen we dan een deel weg.” Wanneer er veel vraag is naar iets wat de winkel op dat moment niet bezit, vraagt de geefwinkel hulp aan de kringloop in de buurt. Toch heeft de geefwinkel verder weinig met de tweedehandswinkel, omdat ze geld vragen voor ingeleverde spullen. “De mensen die hier spullen, vinden het bij de kringloop te duur. Van de weggeefwinkel weten ze dat het goed terecht komt, zonder dat er geld bij komt kijken. De kringloop is veel te commercieel”, meent de vrijwilligster. Daarom nemen de vrijwilligers van de Geefwinkel in feite alle spullen aan, maar leggen lang niet alles in de winkel. “Als we kleding krijgen met gaten erin, geven we het door aan het Leger des Heils”, legt Monika uit. “We zijn blij met de spullen die we krijgen en het is fijn om te zien dat mensen aan ons denken, maar we kunnen geen kapotte spullen weggeven, het moet wel nog in goede staat zijn.” Dat vindt de vrijwilliger belangrijk. De spullen uit de weggeefwinkel zijn misschien afdankertjes, maar dat betekent niet dat een vuilnisbelt moet worden.

Koffie en elektriciteit

Er is geen kassa, en dus geen inkomen. Alle 38 mensen die werken in de winkel doen dat op vrijwillige basis. Zelfs voor het pand betalen ze geen huur, en daar hebben ze geluk mee. “Boven dit pand woont de eigenaar. We mogen het gratis en voor niets van hem gebruiken. Hij is alleen maar blij als het in gebruik is.” Het enige waar de weggeefwinkel geld voor betaalt is koffie en elektriciteit. “Hiervoor is er een giftenpot.” Monika wijst naar een glazen pot op de tafel, die redelijk vol zit. “Daar komen we eigenlijk altijd mee rond, genoeg mensen die langs komen geven wat geld.”

Dat is de redding van de weggeefwinkels: genoeg mensen uit de samenleving willen duurzaam leven en steunen daarom ook dit soort initiatieven. Het maakt de weggeefwinkel én het duurzamer leven haalbaar. En als het aan Monika ligt, moeten we hier zeker mee doorgaan.

 

Reageer op dit artikel